Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

macht ligt in de Rede, niet in kanonnen en geld en dwang op anderen uitgeoefend. En Spinoza verstaat onder „Macht" door nog slechts „wijsheid" en „zelfbeperking". Doch de zelfmisleiding maakt ook van den zwakke een overweldiger.

„In der Bosheit begegnet sich der Uebermüthige mit dem Schwachlinge". Hoevelen der zwakkelingen blazen zich op tot „overmoedigen", sinds ze zich, niets meer dan afgerichte ledepoppen, in hetzelfde onzalige uur met den „krijgsman" uit Nietzsche's Zarathustra hebben vereenzelvigd, waarin zich vulgaire egoïsten voorloopers van den Uebermensch waanden en brulden als leeuwen, zonder ooit te zijn „kameel" geweest!

De Renaissance-litteratuur creëerde den sterken, bewusten overweldiger, den Overmoedige, uit bewondering voor zijn intelligentie en zijn grenzeloozen zedelijken durf — in de Middeleeuwen zoo gering geteld, welhaast geminacht — vooral voor zijn roekelooze zelfaanvaarding, in collectiviteiten onbruikbaar en dus onbekend, creëerde hem in de gestalten van Uilenspiegel, Reinaert de Vos en Macchiavelli's „Principe".

Deze drie, hoezeer ook verschillend, en hoe zonderling hun samenvoeging moge aandoen, behooren bij elkaar: gedrieën beduiden ze de triomf van de intelligentie over de zotheid, dat is: van het individu over de collectiviteit, waarvan „zotheid" het wezen is, van de oprechtheid over de huichelarij, van het realisme over het nog immer zoo geheet en „idealisme", van de zelfaanvaarding over de zelfmisleiding, van den Uebermensch over den huichelenden geweldenaar.

En Uilenspiegel is de eerste Uebermensch.

„Reinaert de Vos" is onvergelijkelijk veel dieper dan „Uilenspiegel", het is een proeve van volkomen moderne (in den zin van individualistische) maatschappij-critiek, van hooghartige maatschappij-verachting en roekelooze vast-

Sluiten