Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

men in 't gras naast vierduizend van de hunnen, die ze verloren.

Hendrik rijdt naast den hertog. Hendrik draagt de vaan met den leeuw en de bloedroode harten niet meer: hij heeft ze afgestaan aan den vaandrig. Hij heeft een ander doel dan die vlag te dragen en te verdedigen: Christiaan heeft in den slag een schot door den linkerarm gekregen, nu moet hij hand en arm aan Christiaan leenen! 't Harnas geblutst en den hoed doorboord met kogelgaten, rijden ze dicht naasteen, en hij voorkomt de bewegingen van den ander, laat hem bij dag of nacht geen oogenblik alleen, verbindt de wonde, weert de koorts, en houdt den overmoed in den aanvoerder wakker. Want wat als de dolle hertog niet meer aan de spits van dit hongerig en uitgeput leger reed? Met vierduizend man, met hun tros en veel wapens hebben ze hun overwinning bij Fleurus betaald, ze hebben geen eten meer, geen soldij, ze hebben niets dan hun held, die hen

voorstormt, gewond maar ongeknakt

En als een veerkrachtig en versch leger, zooals Hendrik hoopte in z'n verlangen naar het vaderland, rijden ze Brabant binnen, en den tweeden September laten ze zich neer in de dorpen van de Langstraat, waar de Staten hun mondbehoeften en nieuwe wapens bezorgen.

D □ □

Hendrik is uit het kamp weggedwaald, zooals elk ;n avond na deze langwijlige dagen. Want uit de Langstraat naar Tilburg, van Tilburg naar Breda getrokken, zijn ze heel September reeds aan 't wachten op Prins Maurits, die na z'n mislukten toeleg om Den Bosch te verrassen, weer naar 's-Gravenwaard en Gennep geweken is en zich toebereidt om met hen vereenigd Bergen te ontzetten, 'n Maand ging met wachten

Sluiten