Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Je zorgt dat bier 'n priester komt — versta je — ik wil biechten."

„Maar vader...."

„Ik was nooit 'n echte als Fenne. Zoomaar, zoomaar. En ik ben zoo bang." Hij heeft zich neergegooid naar den muur, al 't dek van zich afwerpend, slaat de armen uit en ligt schokkend te snikken.

,,'n Priester!".jammert vrouwe Catharina. „We zijn toch van de nieuwe leer! Fenne wil komen voorlezen en met je spreken."

„Biechten," dreunt z'n stem weer op uit het hortend geschrei, ffij heft zi<m recht en staart Anna aan. „Ga dan. Doe wat ik zeg. Ik wil."

Radeloos zwijgend ziet Anna naar d'r moeder.... Waar een priester? Hoe een priester hier op de Laar ? Buiten oorlog. Binnen Fenne. Zou Willem Simonz in Vaassen zijn ? Moet ze dien zoeken? AUes trotseeren en door 't bosch naar hem heen? Naar Loo of Cannenborg om raad en bijstand ? O, hoe zouden ze haar helpen! Sofie, Elbert — hij vooral. Dat is 't! Naar hem zal ze gaan. Hij zal haar raden, hoe hier te redden. -Gaat 't niet om vaders ziel en zaligheid? Ze móet

,,'n Dokter moet er komen!" herhaalt vrouwe Catharina wat ze heel de week door jammerde.... „Nu zal er eindehjk wel een durven.... 't Dooit immers. De Spanjaarden moeten terug, willen ze nog over 't ijs.... Dat er toch iemand gaat om ndokter...." Nuisookzij met veel tranen aan 't schreien. Ze verbergt het gezicht in het bedgordijn, dat ze tusschen de handen frommelt.

„Zweder zal gaan!" valt Anna bij, en bijna juicht ze dien naam uit.

„Vraagt 't hem, "dringt vrouwe Catharina. oplevend. „Laat

Sluiten