Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

scheidsgroet. Dirk en Elbert doen hem en den priester uitgeleide tot in de poort.

„Je vader beter! De Veluwe vrij! Den Bosch veroverd!" juicht Dirk, als ze, alleen gebleven, langs het steenen trapje naar de eetzaal teruggaan, en daarbinnen:

„Den Bosch voor den Prins — hoe dan ook — dat wordt het oorlogseinde, dat is 'n feest, dat moesten we bijwonen daar ginds!"

„Maar dat kunnen we!" roept Lijsje. „Ik wed dat heel Den Haag, heel Holland, naar die capitulatie gaat kijken — de prinses van Oranje en de koningin van Bohemen, alle prinsen en prinsessen.. Karei heeft me dikwijls genoeg van zoo iets verteld Toe Dirk, laat ons gaan met je nieuwe karos."

„Goed! wij samen, en wie meer?" stemt Stepraedt grif toe.

„Natuurlijk ik!" roept Sofie.

„En ik, als 't mag," komt Anna op het drietal toe, vlug een bUjden bük wisselend met Elbert. God heeft raad geschaft!

„Ga allemaal, kinderen," moedigt vrouwe Catharina aan. „Ik zal voor 't huis zorgen,"

„En ik bij m'n vader wachten op julhe terugkomst,"

zegt Elbert.

„Nee zeg, je moet mee," r©ept, Lijsje. Ze bloost, nu. 4e anderen lachen, maar ze slaat de oogen niet neer. Stralend ziet ze Elbert aan. „Maar dan moet je dat kuras van gisteren

weer aandoen en dat kruiszwaard Vandaag zou je dat

heel wat beter staan."

„Waarom?" lacht Elbert, die ook de omstaanders vergeet en niets meer ziet dan haar zonnigheid.

„Omdat je nu bent, wat je zij» moet...."

„Wat dan toch?"

,,'n Chrietenridder."

Sluiten