Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van Vaassen, wettig voor het land, maar voor hen alleen in schijn, heten sluiten. Nu zijn ze één».

Op de brug wachten zij, die uit de eerste wagens stegen

Sofie en Dirk, vrouwe Catharina en Anna, en 't dichtst bij de poort heer Marten en Hendrik. Achter de bruidskoets dringt het volk uit laan en boomgaard op. Aller oogen naar hen tweeën, en Lijsje is er verlegen om, terwijl Elbert haar bij 't uitstijgen de hand reikt, snel den blik diepend in den haren, en dan het hoofd neer, bhnd door zóóveel licht. Langzaam

gaan ze de brug op, zien niets

Maar eer ze tusschen de rijen door den drempel overschrijden, treedt hun ineens Hendrik in den weg. Hij heeft de beverige oudjes, die verbijsterd naar het bruidspaar ziende, het strooien vergaten, den korf afgenomen. En midden in het deurvak, hoog boven hen uit, heft hij dien korf op beide handen

en schudt hem leeg over Elbert en Lijsje '

„O!" lacht Lijsje, onder die dwarrelende sneeuw van roode en witte rozeblaren zich in Elbert's arm schuilend „dat is te veel ineens...."

„Zoo wil de Cannenborg jullie met geluk overstelpen." En allen dringen nu nader, omdat Lijsjes lach opklonk, die tot echo een jubel wekt bij het volk vóór de brug. In de hal willen vrouwe Catharina, Anna en Sofie alle drie te gehjk Lijsje in de armen nemen, en toch is'theerMarten,diehaarhet

eerst op het voorhoofd kust: „Welkom!" terwijl Hendrik

z'n broers handen blijft schudden en maar stamelt: „jongen,

jongen "Ze schreien, ze lachen tot Elbert z'n bruidje

opeischt: „Nu is ze immers van mij!" Dan gaan ze naar de troonzetels, die onder het baldakijn tegen den achterwand voor

hen gereed staan, en de overigen scharen zich om hen

„Zooveel mogehjk zon!" zegt heer Marten, en hij gaat zelf

Sluiten