Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

OCHTEND

Roerde in de nacht niet een zwarte tamboer Ken brommende roffel bij 't woudlegioen? blond toen niet donker in 't lichter kontoer I rompetter, die blies op een klare klaroen ?

Toen schudden de boomen hun slapende groen Kauw klonk een schreeuw uit het dompige moer Ue hemel werd grijs: in de west zwalkte toen Ve maan en verging als een schip zonder roer

Dan zeilde de dag als een oorlogsfregat, ^nonnen van witblinkend staal aan de flank. Met bloedroode vaan en een purperen vloot. Met een hoera uit den einder en nat Van goud; maar als koper zoo zwaar en zoo blank Kees toen de zon en was stralend en groot.

Sluiten