Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En een ander en nog één en velen Verhieven met hem hunne klacht En overal doofde het spelen Der lichtjes in 't kamp van de nacht.

En dringend als schapen, die blaten Om angst, die ze zelf niet verstaan. Zoo schreiden ze luid en vergaten Hun moed voor hun vroegere waan....

Toen steeg uit de heuvels der kimmen Een glans als een rijzende maan, Maar zacht als nog nimmer mocht klimmen Een licht naar zijn hemelsche baan.

En gaande met rustige schreden, Beschenen door 't heil van dien gloed, Kwam nader een man en de vrede Ging uit van zijn winnende voet.

Hij strekte zijn zeegnende handen Uit over het klagend geween. Zóó lang tot het leed zich ontspande En zijn glans hun gezichten bescheen.

Zijn woord als de machtige galmen Van een dringende roep van een dom, Droeg wijd en bleef gonzen en talmen Voordat het hun luistren ontklom.

En stil zweeg in eerbied de schare. En de één boog in aandacht het hoofd, En de ander in spraakloos gebaren S Had zonder verstaan reeds geloofd:

Sluiten