Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De zaak was namelijk, dat mevrouw Rumpke, die jaren van zure dienstbaarheid achter den rug had, de weelde van eindelijk haar eigen baas te zijn niet aan kon.

Van gedweeë slaafsche onderworpenheid verviel ze in het tegenovergestelde en Rumpke ondervond, dat hij door z'n huwelijk er 'n superieur bij had gekregen. Doch Rumpkes rug, die zich zoo naarstig kromde over z'n boeken vol cijfers en zoo serviel voor de luimen van z'n chefs, rechtte zich, wanneer z'n vrouw zich 'n gezag aanmatigde, dat naar zijn meening, volgens overoude zeden hèm toekwam. Zoo ontstonden in de eerste huwelijksjaren hoogst onvreedzame tooneelen op het bovenhuis, dat mevrouw Rumpke in haar dwependen verlovingstijd als 'n nestje van huiselijk geluk zich zelf, Rumpke en wie het maar hooren wilde, had voorgespiegeld. Later, toen zij de overwinning had behaald, al was 't dan met heel andere middelen dan zij zich had voorgenomen, kwam de rust. De rust van 'n wapenstilstand, 'n rust van verstandelijk overleg, niet voortgekomen uit eindelijk gevonden harmonie.

Het verstandelijk overleg was gekomen van den kant van den boekhouder. Toen namelijk bleek, dat het wonen bij rijke menschen z'n vrouw allerminst geleerd had, hoe met 'n klein tractementje rond te komen en het spook van schulden al spoedig om de bovenwoning rondwaarde, had zij het cordate besluit genomen met het geven van pianolessen te trachten de tekorten te dekken. Niet slechts had Rumpke dit hoogehjk in haar gewaardeerd, maar hij had ook tijdig begrepen, dat het niet bevorderlijk was voor de plannen van z'n vrouw, wanneer de faam van hun tweespalt die van haar musicaliteit dreigde te overvleugelen. Hij kops derhalve de wijste partij en werd 'n gedwee-zwijgzaam echtgenoot. En met delessen vlotte

Sluiten