Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hij deelde in haar opvatting, dat na 't ingespannen les geven haar de noodige versnaperingen en de noodige ontspanning toekwamen, waarvan zij hem rijkelijk liet meegenieten. Want ze verwende en bedierf hem in kortzichtige adoratie van haar wonderkind en in ruil voor haar vertroetelende liefde gaf hij haar heel de aanhankelijke genegenheid van z'n warm kinderhartje.

Van dezen tijd dagteekende reeds z'n vriendschap met Mathilde ten Holdert. Papa ten Holdert had z'n kantoor en pakhuis onder de bovenwoning der familie Rumpke. Het lag dus voor de hand, dat hij mevrouw Rumpke begunstigde, toen hij het noodig oordeelde z'n dochtertje Thilde voor haar algemeene ontwikkeling ook wat muziekkennis te laten bijbrengen. Thildes aanleg was maar heel matig, doch met de plichtgetrouwe nauwgezetheid — de familie-eigenschap van de ten Holderts — die ze als kind reeds had, studeerde ze met onvermoeiden ijver, maakte waarlijk flinke vorderingen tot verbazing van Siegfried, die haar al getaxeerd had als „weer 'n kind van niks". Het was voor hem de aanleiding tot verhoogde belangstelling voor het slanke meisje met haar lange, dikke vlecht van goudig-blonde haren, waaraan hij in 't geniep wel 'ns graag had willen trekken, als ze geen leerlinge van z'n moeder geweest was.

„Ik had nooit gedacht, dat jij 't leeren zou", was hij 'n gesprek met haar begonnen, toen bij na 'n les-uur haar in de gang trof, terwijl ze bezig was haar manteltje om te slaan.

„Waaromniet?" had ze, 'npruillipje trekkend, willen weten.

„Je knoeide eerst bijna nog erger dan de anderen."

„Wat ben jij 'n nare jongen", had zij toen ook openhartig haar meening gezegd, terwijl ze hem verontwaardigden gekrenkt den rug toedraaide en de trap afging.

Sluiten