Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

slotkoor, den vredigen triumfzang over overwonnen leed

en passie En nu brak de davering van toejuichingen

los....

,,'n Beschuitje, Sieg, ze zijn pas versch?"

Over het pluche tafelkleed schoof tante het schaaltje aan, nadat Betje met haar deel de kamer had verlaten.

„Dank u tante, ik zal niet gebruiken." ' Opgeschrikt uit z'n mijmering, dwong hij zich tot dit weigeren als 'n eerstedaad van verzet tegen sleurgewoonten.

„O niet", zei tante met gekwetste verwondering en met weer het snelle, onderzoekende kijken van haar kraal-oogjes. Thilde, haar borduurwerk voor haar uitzet ontvouwend, praatte door over de plechtigheid in de kerk.

,,'t Koor heeft ook heel mooi gezongen", meende ze te moeten prijzen.

'n Minachtend lachje trok nerveus om Siegfrieds zwijgenden mond.

„En jouw Ave Verum, Sieg. 't Klonk weer eenig mooi."

Maar nu stoof hij op.

,,'t Was me wat moois, 't Geknerp van de tenoren ging me door m'n ziel. Mooi gezongen 1 ? Ze verknoeien alles op dat koor. Van Liemd heeft 'n opvatting van muziek als 'n orgeldraaier. Prulleboel hoor. En of ik er m'n meening al over zeg 't geeft geen zier. Je snapt eigenlijk niet, waar die dilettanten die pedanterie vandaan

halen En dan vinden ze nog, dat ik me bizonder

gelukkig mort voelen, als ze 'n compositie van me radbraken, 't is fraais!"

Hij lachte kort en droog met hatelijk stemgeluid.

Mathilde, onthutst, zweeg. Het kwam wel meer voor, dat hij haar meening over muziek weersprak, hinderlijk uit de hoogte kon hij dan zijn, maar zoo opgewonden, scherp-hateujk had ze hem nog nooit zfch hooren uiten

Sluiten