Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Cato was hem bijzonder onaangenaam. Was hij alleen met Thilde geweest, dan zou deze onbelangrijke gebeurtenis nooit tot 'n ruzietje zijn uitgegroeid, had hij al bij zich zelf overwogen. Met Thilde was te praten, maar tante was, ondanks al haar schijnbare tamheid, 'n echte feeks. Gretig ging hij dus op het voorstel in. Wel ja, dat was verstandig. Thilde en hij bleven nog 'n poosje wandelen. En als tante aanstonds thuis 'n kopje thee klaar had, zou hij' voor 'n tractatie zorgen. Had hij niet gezegd, dat hij zich dien middag had vrij gemaakt?

Hij nam Thilde onder den arm, zwaaide zwierig z'n hoed tot afscheid en voerde z'n meisje het park in, zonder zich verder om het oude menschje te bekommeren.

'n Poos liepen ze stil naast elkaar, in 'n zwijgen, dat al zoo vaak ernstige gesprekken had ingeleid en vooral den laatst en tijd voortsproot uit 'n huiver om de dingen aan te roeren, die beslissend konden worden voor hun beider leven. Het was voornamelijk Siegfried, die in z'n wankel ziele-evenwicht dergelijke gesprekken vreesde. En vandaag meer dan ooit. Want schuldbewust was hij wel tegenover z'n meisje, en niet enkel om de achteloosheid, waarmee hij z'n afspraak nagekomen was.

De minuten, die Thilde in droef-verlatenheidsgevoel op hem had gewacht, had hij verbeuzeld in geflirt met de freules van Rode en de Amsterdamsche zangeres, wier bohémien-achtige, vrije manier van doen en zich uiten, een door Otto sterk aangemoedigde losheid in den gewonen conversatietoon had gebracht. Mevrouw van Rode mocht al 'ns ernstig kijken, de jonge menschen lieten zich gaan en Siegfried, van nature geestig, had zich ook niet onbetuigd gelaten..

Den avond te voren had hij in 'n kleinen kring ge-

Sluiten