Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

noodig den triumfen gevierd als violist, — Leonie had hem begeleid met gloed en talent — en de zangeres had hem gesproken van samen te concerteeren. En nog in den roes van die huldiging, op het overmoedige af, had hij met geestige invallen en vrijmoedige scherts dezen middag de familie van Rode vermaakt, die uit kunstzinnige waardeering en omdat Siegfried zich uitnemend wist voor te doen — de dame-van-goeden-huize, uit armoe gouvernante geworden, die z'n moeder geweest was, verloochende zich niet in den zoon — haar eerste terughouding volkomen had laten varen. Zelfs was er 'n soort dweperige vereering in Leonie gegroeid voor den knappen, interessanten musicus, 'n eenigszins romantische verliefdheid zonder ernst of diepte, die ze als 'n aangename tijdpasseering beschouwde en waarvan ze genoeg durfde uiten om Siegfrieds gemoedsrust nog meer te verwarren. Hij had het zich zelf met schrik moeten erkennen, voor haar rijpe charme, washijnietongevoelig. Integendeel. In den laatsten tijd immers had hij te vechten tegen gedachten, die hij als onzinnig verwierp en maar 't liefst beschouwen wou als dwaas gefantaseer van z'n overprikkeld brein. En toch, en toch, — kon hij niet nalaten hoe langer hoe meer te overwegen — was het geen zeldzaamheid, dat kunstenaarschap zegevierde over alle standsvooroordeel en huwelijksbeletsels. En 't kon hem

doen duizelen van vermetele illusies.

Doch niets van dit alles — en allerminst van z'n schuldig gepeins — had hij Thilde toevertrouwd. En de omstandigheden — haar ongesteldheid, die 't uitgaan belette en het stille teruggetrokken bestaan in tantes huis — maakten, dat hij gemakkelijk geheim kon houden, wat haar anders niet ontgaan zou zijn. Doch thans, met 'n rustig wandelpasje naast elkaar voortloopend, de

Sluiten