Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Daar weet jij wat van."

„Kalmann is opgetogen over je leiding. Het wordt 'n artistiek succes, heeft-ie me verzekerd."

„Nou tegenover mij heeft-ie zich nooit zoo uitgelaten. En als jij de slotrepetitie had meegemaakt, zou jij ook alles behalve gerust zijn."

„Ging de slot-repetitie beroerd? Zooveel te beter; op de laatste repetitie moet de boel in het honderd loopen, dan krijg je 'n ideaal-uitvoering. Maar ga mee kerel. De dames wachten ons in het Victoria-hotel. Die gaan we afhalen. Waar zijn jouw vrouwen?"

Siegfried vertelde van Thildes ongesteldheid, terwijl van Rode hem onder den arm meevoerde naar 'n taxi, die op hen wachtte.

„Hum, 't is misschien ook maar beter zóó", meende van Rode. „De heele beweging is eigenlijk minder geschikt voor ze. Ze zijn zoo niets gewend, hè."

Siegfried antwoordde niet. Hij had zich in 'n hoek van de auto genesteld, zat er als verschrompeld in-eengedoken, rillerig van zenuwachtigheid en met 'n gewaarwording of z'n keel werd dichtgeknepen. De optimistische kalmte van z'n vriend begon hem meer te ergeren dan gerust te stellen. „Als ze me met deze auto naar de gevangenis brachten, zou ik me niet ellendiger kunnen voelen", dacht hij, z'n oogen sluitend en z'n lichaam meegevend met de wieging van den wagen. En even moest hij ook denken aan Thilde en tante Cato, die waarschijnlijk in niet minder spanning dan hij zelf thuis zaten en voor wie alles, wat nu gebeuren ging, iets wonderlijk geheimzinnigs moest hebben, wijl het zich afspeelde in 'n haar totaal onbekende wereld. Zoo was het inderdaad. Voor die brave, eenvoudige vrouwen was het milieu, waar hij thans z'n geluk ging beproeven,

8

Sluiten