Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

minste zooveel levensjaren te krijgen, dat hij z'n Ibach bemachtigen kon. Och, toen reeds maakte hij zich geen illusies over den hem toebedeelden tijd. Doch z'n vleugel had hij en Goddank nog niet te laat, overdacht Siegfried en in z'n weeke stemming kwam 'n brok kroppen in z'n keel. Hij beet zich op de lippen, streek met 'n wilde beweging de hand door z'n haren, vechtend tegen de ontroering, die hem overmeesterde. Hoe was 't mogelijk, dat hij zich zoo klein voelde in deze armoedige kamer, terwijl hij in 'n wereldsche omgeving zoo graag zelfbewust optrad? Het was waarlijk, of hij in alle opzichten de mindere was van z'n ouden vriend.

Het binnenkomen van kapelaan Grabinger liet hem evenwel geen tijd om 'n bevredigende verklaring voor z'n gemoedstoestand te vinden. Met echte ZuidDuitsche gemoedelijkheid overstelpte de geestelijk hem met vragen vol hartelijke, blije belangstelling. En lang praatten ze over hun musicale prestaties en wat ze bereikt hadden van hun jeugd-idealen. Kapelaan Grabingers arbeid bleek respectabel. Hij toonde Siegfried met begrijpelijken trots de twee eerste lijvige deelen van z'n handboek voor Muziekgeschiedenis, die reeds in druk waren verschenen, 'n bundel geestelijke liederen, 'n Requiem-mis en in manuscript 'n oratorium St. Franciscus voor soli, gemengd koor en orkest. Naast dit vele schroomde Siegfried te spreken van de resultaten van zijn arbeid. Nochtans vertelde hij van z'n operette en van het succes dat hij er mee ingeoogsthad. Doch tegelijk verontschuldigde hij zich; hij hechtte er geen waarde aan, 't was maar Spielerei, waaraan hij zich bezondigd had om uit den sleur van 't geestdoodende lesgeven te raken, uit — hij wilde het wel bekennen — louter materieele overwegingen. Maar nu hij er financieel goed bij gevaren

Sluiten