Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en mij m'n geluk onthield, het eenige, waarachtige geluk, dat mij, gelukskind, ooit heeft toegelachen, hoe ik toen in machtelooze woede gezworen heb alles, wat me ten dienste stond aan te wenden om die godsdienst afbreuk te doen en bespottelijk te maken! Maar bij de eerste regels vol venijn; die ik schreef tegen het Katholicisme bedacht ik, dat ik ging verguizen, wat haar in het leven ten slotte toch het waardevolste was, dat ik haar meer dus dan de godsdienst treffen zou- En ik verscheurde wat ik geschreven had. Dat verdriet — om me zelf, en dat nog wel nutteloos, te wreken — wilde ik haar niet aandoen. Maar in München, in haar nabijheid, hield ik het niet uit. Onze wandeltocht, je herinnert je, maakte ik, toen de crisis het hoogtepunt had bereist Ik vertrouwde toen me zelf niet meer. Eenigszins gekalmeerd ben ik daarna in m'n eentje verder getrokken. Het was 'n vlucht. Ik heb van niemand afscheid genomen, heb niemand iets van me laten weten, terwijl ik weg was. Eerlijk gezegd, iedereen en alles was me toen onverschillig. Ik hoopte in de eenzaamheid tot me zelf te komen. In plaats dus van in Berlijn of Parijs, zooals je misschien gedacht hebt, zat ik in 'n klein bergdorp in Tyrol* Daar, alleen met m'n ellende en de grootsche natuur, heb ik m'n strijd uitgevochten. Het was 'n afschuwelijke strijd, maar tenslotte is hij me toch tot 'n zegen geworden. Eindelooze redenaties heb ik met me zelf gehouden, totdat ik tenslotte tot het besef kwam van de kracht en de waarde van 'n godsdienst, die 'n mensch tot 'n held maakt. Want, Sieg, ze is 'n heldin, even moedig in alle genotsverzaking en plichtsbetrachting als jij en ik dapper waren in genotzucht en slechtheid. En toen ik, door haar voorbeeld, zoover gekomen was, begreep ik, dat ik m'n teven, waarvan ik op de oude

Sluiten