Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wilde hooren dan harde verwijten. Doch al zou ze ook niet hebben beloofd, niet hard tegen hem te zijn, in dit allersmartelijkst oogenblik van weerzien vermocht tante Cato de bittere woorden niet over haar lippen te brengen, die ze heimelijk en vol wrok zoo dikwijls in haar hart had gevormd. Want niet te miskennen was de oprechtheid van z'n vermorzeling. Ze kende hem bijna niet meer terug, zoo ellendig zag hij er uit met donkere kringen rond z'n oogen en scherpe, ouwelijke trekken in z'n jong gezicht.

,,'n Droevig weerzien, Sieg", zei ze enkel, 'n snik in haar keel terug dringend.

Hij bewoog z'n lippen, maar had geen woorden en plots plompte hij neer op 'n stoel, smakte z'n hoofd op tafel en snikte, steunde in harstochtelijk verdriet.

En voor ze eigenlijk wist wat ze deed, had tante Cato haar magere hand op z'n hoofd gelegd.

„We moeten sterk zijn, Sieg. We moeten ons goed houden voor Thilde", begon ze heesch. „Thilde wil, dat we blijmoedig berusten, zooals zij zelf. Wat God doet is welgedaan, zegt ze aldoor. En over 't geen de menschen haar hebben aangedaan, spreekt ze niet. Dat is bij haar vergeven en vergeten. En wij ook zulten het verleden maar laten rusten, jongen. Het tegenwoordige is al hard genoeg. Ik zal Thilde gaan waarschuwen, dat jij er bent. Ze is vandaag bizonder goed. Misschien omdat ze jou verwacht

Langzaam met haar rheumatische, pijnlijke beenen strompelde ze de kamer uit Siegfried hoorde haar bekenden, hinkenden loop op de trap en 't bekende kraken der treden.

Versuft keek bij op. Het was of alles 'n afschuwelijke droom was geweest, heel die periode van afdwaling en of het niet waar was, dat Thilde boven

Sluiten