Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tusschen z'n handen genomen en z'n lippen zacht gedrukt op haar gerimpeld voorhoofd: 'n broederlijke kus van deernis en vergeving.

En nu was het avond.

Voor het hooge venster van Bögners atelier stond Siegfried te staren in den dalenden nacht, 'n Roode gloed doorvlamde de lucht en legde 'n rosse weerschijn op de duisterende stad. Het was de beteekeiüsvolle avond van 'n beteekenisvollen dag. Weer stond hij op 'n keerpunt van z'n leven.

Hij dacht aan het concert, dat hij aanstonds te leiden had, hij dacht aan Lilly... en ook moest hij denken aan Olga.

Wat zou het leven hem brengen? Als dé straling van morgenrood deed hem het nagloeien aan van den zonsondergang. Hij sloot de oogen. Geluk? Roem? H| maakte 'n vaag afwerend gebaar. Wat God voor hem beschikte, zou hij dankbaar aanvaarden. Eens had hij in jeugdigen overmoed gemeend, op eigen kracht steunend z'n geluk te kunnen veroveren. Hoe deerlijk had hij gefaald! Nu wilde hij zijn de eenvoudige, nijvere dienstknecht, dankbaar voor het loon, dat hem zou worden toebedeeld.

En in kinderlijk, ootmoedig vertrouwen zou hij den weg gaan, dien God hem openbaren zou.

EINDE.

Oisterwijk, September 1917—Mei 1918.

Sluiten