Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Weldra echter moeten we het ravijn verlaten en langs een rotsstorting in zijn wand klauteren we bij het zwakke lantaarnlicht moeizaam naar boven en krijgen nu een lange wandeling over een vreemdsoortig terrein, dat mij echter als een pas aangelegde herwouding wordt aangeduid.

Daarna begint een klimpartij door de natte struiken, die hoe langer hoe dichter worden, terwijl de helling, blijkbaar de kam van een bergribbe, allengs steiler wordt.

De gids wil wachten tot het licht wordt; hij kan, zoo wendt hij voor, den weg niet vinden; maar op dat praatje wordt natuurlijk niet ingegaan, want wij willen bij den grooten valbaan komen vóór dat de dageraad het vuur zal doen verbleeken.

Dus vooruit naar boven!

De kam wordt smaller, de helling steiler en de struiken natter, maar, never mind, vooruit!

Eindelijk om half vijf, nog bij nachtelijk duister, komen wij op den top; het doel is bereikt.

We staan, volgens de aneroïde, 1750 M. hoog op een steilen voortop, die natuurlijk zooals alle steile kegels door de Javanen Koekoesan wordt genoemd.

Vóór ons daalt het steil een paar honderd meter naar beneden, maar aan de overzijde rijst het weer op in één reuzenhelling tot den bijna 3000 meter hoogen top van den vuurberg.

Boven rookt hij zwaar, vooral een honderd meter of drie onder zijn hoogsten top en het is ook juist daar, dat die opgloeiïngen plaats vinden.

Het is bij den rand van den krater, die thans geheel is opgevuld door een kegel van gestolde lavablokken.

Bij iedere persing van den berg worden eenige klompen over dien rand geworpen. Dan komt het gloeiende binnenste bloot en een vurige gloed verlicht den rook, die in dichte wolken uit de spleten naar buiten dringt.

Snel koelt daarna de versche wondvlakte af en de gloed dooft uit; de blokken echter zijn op de steile helling aan het wentelen gekomen en dalen in vurige strepen naar beneden; treffen weldra een hindernis en springen uit elkaar in eenige stukken, die weer versche helgloeiende breukvlakken vertoonen.

Sluiten