Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zouden inderdaad bij een uitbarsting in 1861 alle blokken uit den krater geworpen zijn? Het eerste komt mij eigenlijk waarschijnlijker voor.

In elk geval begint het spel spoedig opnieuw en stolt de langzaam naar boven geperste lava tot een nieuwen slakkenkegel, wat van uitbarstingen vergezeld gaat.

In 1864 was de krater juist boordevol, want toen Arriens, 25 jaar na zijn eerste bestijging in 1839, opnieuw boven kwam, vond hij tot zijn stomme verbazing den top geheel vlak en zonder eenig spoor van vulkanische werking. „Als," zoo schrijft hij, „de top zich nu met geboomte bedekte, zou men al die berichten omtrent het woeste spel van den berg in twijfel kunnen trekken".

Maar de Merapi zorgde wel, dat er geen de minste twijfel omtrent zijn wispelturig karakter zou overblijven, want hij ging voort met zijn prop op te werken, steenen af te werpen, van tijd tot tijd met luid gebrul de blokken in vlammen en rook hemelhoog op te slingeren en met verwoestende bandjirs van modder en steenen de vruchtbare vlakten te teisteren, totdat hij in '80 een wijle adem moest scheppen.

Toen kwam juist de mijningenieur Fennema op zijn top en vond weer, evenals Wilson in '61 een diepen krater met een vlakken bodem van onschuldig voorkomen.

Die rust duurt echter maar kort; spoedig — in April '83 is de

geweldenaar weer op adem gekomen en begint de onheilzwangere kegel weer aan te zwellen. Verbeek ziet hem in December al even hoog als de kraterrand reiken en in 1885 bevindt Stoop, dat hij boven het Koening-ravijn den kraterwal heeft doorbroken.

In 1880 is hij weer 30 meter hooger geworden, de steenstortingen nemen toe en de modderbandjirs storten zich herhaaldelijk over 'de tabaksen suikervelden. Het wordt een ware lijdensgeschiedenis.

In 1903 gaat de mijningenieur van Bosse naar boven en merkt op, dat een piek van gestolde lava uit de westelijke helling van den blokkenkegel (die de Javanen Goenoeng Anjer, d. i. nieuwe berg, noemen) is uitgeperst.

Die Mesdjidan baroe, zoo genoemd naar een scherpen, opvallenden rotstand van den noordelijken kraterwal, Mesdjidan geheeten, blijft meer dan 10 jaren bestaan, maar is nu ook ter ziele, zooals wij weldra zullen hooren.

Sluiten