Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

na den middag, een steile zigzag ons naar de pashoogte van den Poesoek opvoerde en plotseling naar het noorden toe het panorama van een merkwaardig berglandschap zich ontrolde.

Tusschen het Rindjani-massief en de Oostkust van het eiland verheffen zich de resten van een geweldigen dubbelvulkaan. De oostelijke kraterwallen blikken neer op twee voormalige kraterbodems, welke de tijd allang van woeste lavavelden in vruchtbare vlakten heeft herschapen en die door de nijvere bergsassaks in lachend groene sawahs zijn omgezet. Ombuigend naar zuid en daar inzakkend tot den Poesoek-pas, verheft de oude kraterwal zich weer in het Westen, maar daalt dan af tot den bodem, zoodat naar het Noordwesten toe de vlakte open ligt.

De vroegere scheidingsmuur tusschen de twee kraters daalt ook in het Westen tot beneden toe af, zoodat men langs vlakken weg van den zuidelijken in den noordelijken bodem kan komen.

Dat is het merkwaardige hoogland van Sembaloen. Van den meer dan 1600 meter hoogen Poesoekpas zagen wij de sappig groene padi-velden een 400 meter onder ons liggen en vielen ons dadelijk in het oog de twee groote dessa's: Sembaloen Boemboeng, dat aan den zuidrand van de eerste, grootere vlakte ligt en Sembaloen Lawang aan den voet van den scheidingsmuur gelegen.

Mooi was het weer; de steile bergtop van den Anakdare, die zich boven dien tusschenwal verheft, was zelfs wolkenvrij. De afdaling langs de boschrijke helling van den Poesoek was genotvol, maar onze verwachtingen omtrent de oplossing van het koelievraagstuk werden bij iedere familie van Sembaloeneezen, die wij tegenkwamen, zwarter.

Inktzwart werden zij, toen wij het dorp naderden en op eenmaal lange rijen van Sembaloensche jongelui, in hun beste plunje uitgedost, de dorpspoorten zagen verlaten.

Een groep, waaronder een bizonder fraai gekleed heerschap hielden wij staande en weldra waren wij omringd door een kring van race-gangers.

Het bleek dat wij op het dessahoofd van Sembaloen-Lawang waren gestuit en fluks werd de mooie Sassaksche brief voor den dag gehaald om daarmede te trachten den voor ons heilloozen exodus te stuiten.

Het dorpshoofd, blijkbaar de moeilijke leeskunst niet machtig, ga«

Sluiten