Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den Sëgarë Anak, het van legenden onweven meer, waar de verheven berggodin, Batara Rindjani heerscht. En, zoowaar, daar ook verhief zich uit een grillig gekarteld lava-eiland de kleine, kale kegel van den Baroedjari, stil rookend uit de witgevlekte wanden van zijn krater.

De laatste nevelen trokken traag over het meer, eerst rossig getint, daarna vaal en weldra verdwenen, toen de duisternis stil uit de diepten opsteeg.

Dat alles lag diep onder mij, stil en geheimnisvol tusschen hooge, tjemara's dragende wanden, verdonkerend reeds onder de schaduwen van den naderenden nacht, terwijl hoog boven de toppen de avond-hemel nog in roode en gele tinten gloeide.

De hoogste kleurrijke wanden van den Rindjani gloorden nog door dien gloed als Alpentoppen, toen ik mijn hooge zitplaats verliet om het kamp op te gaan zoeken. Weldra zag ik tusschen de boomen de flikkerende vuurtjes en eenige oogenblikken later was ik uit de spheeren der verheven genoegens- van geest en gemoed ondergedompeld in de realistische besognes voor de verzorging van het hongerige lichaam.

Weelderig was die anders werkelijk niet en zoo moest toch de romantiek veel vergoeden en meehelpen om zonderlinge kookproducten smakelijk en de nachtelijke koude minder voelbaar te maken. ,

Vaak werd de slaap onderbroken; maar dan gaf het matte schijnsel van de maan, dat door het tentdoek heen scheen, dat geruste gevoel van mooi weer te zullen hebben, wat juist zoo noodig was voor het slagen der bestijging.

NAAR DEN HOOGSTEN TOP.

Helder en klaar was de morgen, toen we met ons beiden op den kam, boven ons kamp, traden en de oostenwind, dien wij in het beschut liggende bivouac niet hadden gevoeld, ons haar kouden adem in het aangezicht blies.

Nog heerschte aan de hemel de maan, die ampel licht gaf op den open bergkam, maar in het Oosten ontwikkelde zich reeds het daglicht met de snelheid aan heldere morgens in het tropische hooggebergte eigen.

Den vorigen avond hadden wij al de ribbe uitgezocht, die ons van onzen Plawangan-rug, naar de, haaks daarop zich uitstrekkende, graat van den Rindjani moest brengen en, geholpen door het licht van den aanbrekenden

Sluiten