Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en onafhankelijker zal maken van de zeden en gebruiken, die hunne sanctie ontleenden aan een oud en eerwaardig verleden, en dat zij aldus aan de eenheid en solidariteit der samenleving afbreuk zal doen. En daarom zoeken zij de eenheid, die in de maatschappij dreigt verloren te gaan, in de natuur. Maar Heraklitus houdt als eenheidsbeginsel in de natuur niets over dan de gestadige verandering, de eeuwig zich herhalende revolutie, terwijl Parmenides daarentegen, alle beweging voor schijn en illussie verklarende, niets overhoudt dan het volstrekt onbeweeglijke Al-ééne. Bij beiden is het wijsgeerig denken in eene dood-loopende straat beland en derhalve tot stilstand gebracht. Pythagoras nu is de eerste geweest, wien de disharmonie tusschen natuur en menschen wereld, door anderen slechts bij benadering gevoèIcT~en beseft, bewust is geworden. Daarom kan geen stelsel van natuurphilosophie hem bevredigen en plaatst hij den mensch voor een zedelijke roeping, die vervuld behoort te worden.

In de natuur ziet Pythagoras overal evenredighejdjen harmonie; want haar levensbeginsel is niet de eene of andere kracht, niet het een of ander element, maar het

Al het bestaande is tot numerieke eenheden te herleiden. De eenheid als getal is derhalve het oorspronkelijke; van haar gaat alles uit en in haar keert alles terug. Uit de eenheid worden de even en de oneven getallen opgebouwd; de eenheid is in beide besloten, en alle getalverbindingen zijn uit het oergetal der eenheid geconstateerd. Pythagoras beschouwt de wereld als één grootsche, alles omvattende wiskundige formule, door de samenwerking der onderscheidene getallen tot stand gebracht.

Wat nu voor het natuurleven het getal is, dat is voor den bewusten mensch de muziek. De bij haar voorkomende intervallen berusten op getalverhoudingen. De natuur zelve is een lied, een geweldiggrootsche zang, waarin alle sferen des heelals samenklinken. Doch de mensch wiens ziel oorspronkelijk ook een eenheid was, heeft de oorspronkelijke eenheid verlaten en is vervallen tot een dualisme, dat de bron is geworden van namelooze tweespalt en leed. De mensch is geen muziek meer en geen harmonie; doch wat hij verloren

Sluiten