Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door gebed, orakels en offers; doch hij eischt voor zich en voor anderen, dat dit alles op logische gronden zal verdedigd en gerechtvaardigd worden. Voor hem wordt dus het zedelijk handelen een probleem, aan de mogelijkheid van welks oplossing hij vastelijk gelooft.

Sokrates wil derhalve de oude zeden en gewoonten aan eene critiek onderwerpen; doch hij is vast overtuigd, dat zij uit den smeltkroes dier critiek zullen te voorschijn komen als louter goud. Hij twijfelt er volstrekt niet aan, of zij zullen, voor de rechtbank der rede gedaagd, ten volle gerechtvaardigd worden.

Maar velen onder zijn tijdgenooten achten dat critisch onderzoek op zich zelf hoogst gevaarlijk en zij willen het licht van het critisch oordeel niet laten schijnen over terreinen, die naar hun meening liever voor altijd bedekt moesten blijven met den donkeren sluier der nacht. Wat tot nog toe had behoord tot het gebied, waar instinct en gemoed uitsluitend het heerschersrecht hadden bezeten, dat zou en moest nimmer gebracht .worden onder de heerschappij van het critisch schiftend verstand en mocht nimmer aan het gezag der menschelijke rede zijn recht van bestaan ontleenen. Sokrates daarentegen strijdt voor het behoud van het oude met nieuwe wapenen; dat maakt het dubbelzinnige in zijn persoonlijkheid uit en is oorzaak geworden van de zeer uiteenloopende beoordeelingen, die over zijn persoon en zijn werk zijn geveld. Xenophon geeft zich moeite om aan te toonen, dat Sokrates den ouden godsdienst en de overgeleverde deugden heeft geëerd en gehandhaafd en wijst daarom op 's mans streng zedelijk leven en den onaantastbaren, positieven inhoud zijner ethiek. Maar Aristophanes, die het verstand delijk ontleden van zedelijke en godsdienstige grondstellingen een hoogst bedenkelijk en afkeuringswaardig bedrijf achtte, scheerde Sokrates en de sophisten over ééne kam, en stelde hem in zijn „Wolken" aan de kaak. En ook in onze dagen heeft Nietzsche Sokrates een décadent genoemd, een représentant van de gekwetste eigenliefde des gepeupels, dat in verzet komt tegen de onbewuste zelf-overgave van den edelen en voornamen mensch aan de machten van intuïtie en instinct.

Sluiten