Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heeft de zedenwet, die volgens de Stoa voor alle menschen geldt en waarnaar de wijze zijn handelen heeft te richten?

Over dien inhoud is onder de Stoïci heel wat getwist, vooral onder de vertegenwoordigers der jongere Stoa, en die twist verloopt ten slotte in de meest onbeduidende spitsvondigheden. Het wordt zelfs een onderwerp van debat, of het den wijze al dan niet past, in den kring van discipelen, die den meester omgeeft, met over elkander geslagen beenen te zitten. Belangrijker is, dat de leugen onder zekere omstandigheden voor geoorloofd geldt en dat Zeno de sexueele onthouding als tegennatuurlijk afkeurt. Uit menige overlevering blijkt, dat de oudere Stoïci, die zich aan dergelijke spitsvondigheden als de zooeven genoemde, niet te buiten gingen, bij de beoordeeling, of iets „natuurlijk", dan wel „tegennatuurlijk" is, zich heten leiden door een fijn taktbesef.

Als Zeno een jeugdigen zwetser wil terechtzetten, dan roept hij hem toe, dat wij zeker toch wel twee ooren en één mond hebben gekregen, opdat wij meer zouden luisteren dan spreken. Als iemand op tal.van uitspraken van Antisthenes heel wat heeft af te dingen, dan merkt Zeno op, dat Antisthenes toch zeker ook wel wat goeds heeft gezegd en hij vraagt den bediller, of hij zich daarvan ook iets herinnert. En als de ander dit dan ontkent, dan zegt Zeno: „Schaamt ge u niet, dat ge van al wat Antisthenes gezegd heeft, u alleen het verkeerde in het geheugen hebt geprent, en dat ge u niets meer weet te herinneren van wat hij goeds en degelijks heeft gezegd?" Een derde voorbeeld 1 Kleanthes, Arkesilaos dn een ongenoemde zijn in gesprek. De ongenoemde verwijt aan Arkesilaos, dat hetgeen hij zegt immoreel is; Kleanthes komt tusschen beide met de woorden: „Zijn grondbeginselen mogen tegen de moraal ingaan, zijn daden zijn met haar in overeenstemming." Daarop verklaart Arkesilaos hooghartig: „Ik wil niet gevleid zijn." En Kleanthes antwoordt glimlachend: „Is het dan vleierij, als ik beweer, dat iemands leven met zijn beginselen overeenstemt ?"

In het algemeen is moeilijk vast te stellen, wat volgens de Stoïci met 's menschen natuur overeenkomt, en wat niet. Min of meer

Sluiten