Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

terugkeeren. Het begrip: „electrische tram" wordt onder het meer algemeene begrip; „inrichtingen tot vereenvoudiging van het verkeer" gebracht. Wat derhalve geldt in het algemeen omtrent „inrichtingen tot vereenvoudiging van het verkeer," geldt ook omtrent de „electrische tram" in het bijzonder. De stelling, die beweert, dat de electrische tram een nuttige inrichting is, kan eerst dan voor onomstootelijk waar gelden, indien bewezen is, dat eene „inrichting tot vereenvoudiging van het verkeer" een „nuttige inrichting" is. Het bewijs voor dü stelling, zou dienen te luiden als volgt: '

Al, wat de welvaart van een gemeente bevordert, is een nuttige inrichting;

Alle inrichtingen tot vereenvoudiging van het verkeer, bevorderen de welvaart eener gemeente;

Dus zijn alle inrichtingen tot vereenvoudiging van het verkeer nuttige inrichtingen.

Doch nu ben ik er nog niet; want nu dien ik te bewijzen, dat al, wat de welvaart eener gemeente bevordert, een nuttige inrichting is. En als ik nu weer een nieuwe sluitrede op touw zet om die laatste stelling te bewijzen, dan zal de eerste premisse van die sluitrede op nieuw bewijs vorderen, enz., enz. Al redeneerde ik een eeuw lang voort, of liever terug, ik zou nog altijd niet verder zijn gekomen dan tot het vinden van een sluitrede, welker eerste premisse op nieuw haar bewijs zou vorderen.

20. De mathematicus zal in het midden brengen; ja, maar er zijn axiomata en die behoeven niet bewezen te worden. Doch de skepticus antwoordt: dat gelieft gij, mathematicus, te beweren; doch waarop steunt die bewering! Waaruit is u de waarheid van zulk een axioma kenbaar geworden? Uit de zintuiglijke waarneming? Doch daarvan is de bedrieglijkheid reeds aangetoond!

Wat de mathematicus doet, dat doet iedereen, die een bewijsvoering levert, hem na. Ja wel, men is wel geneigd, zoo grondig mogelijk te zijn en sluitrede op sluitrede te stapelen. Doch eindelijk wordt halt! gecommandeerd. Eindelijk wordt iets als waar aanvaard,

Sluiten