Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn persoonlijkheid bijzonder gunstig uitkwam. Zoo zien wij dan ook te Rome de schare zijner toehoorders steeds toenemen.

Aangaande het karakter van zijn voordrachten verhaalt Porphyrius, dat hij geen samenhangende rede hield, waarbij de anderen zwijgend' luisterden, doch dat hij zijn hoorders aanspoorde om aan de behandeling der aan de orde gestelde onderwerpen een werkzaam aandeel te nemen. Vielen zij hem in de rede met de eene of andere vraag, dan ging hij daarop vriendelijk en aanmoedigend in .totdat de zaak tot helderheid was gebracht. Een dergelijke vraag door Porphyrius gesteld, werd voor hem aanleiding om drie dagen achtereen het vraagstuk te behandelen van den samenhang tusschen lichaam en ziel. Als uitgangspunt van zijn onderwijs diende gewoonlijk de lezing en de verklaring van de geschriften van Plato en Aristoteles; daaraan knoopte Plotinus dan zijn eigen opmerkingen en uiteenzettingen vast. Even als zijn reeds genoemde leermeester Ammonias Sakkas moet hij zijn toehoorders hebben geboeid en meegesleept door den gloed van overtuiging, door het vurig enthousiasme, waardoor hij zelf werd bezield. Wij kunnen dat eenigermate afleiden uit zijne geschriften, waar niet zelden de stijl van het logisch betoog overgaat in dien van de dichterlijke zielsverrukking. Plotinus was zich bewust tot een verheven taak geroepen te zijn; in hem zou de geest van het Hellenisme zich nogmaals, en wel voor het laatst, in den vollen rijkdom van schoonheid, verhevenheid en diepzinnigheid openbaren. Vandaar de groote ernst en de godsdienstige wijding, die heel zijn persoonhjkheid en al hare uitingen omgaf als een stralenkrans. „Wanneer hij sprak, blonk zijn gelaat van het licht des geestes, dat hem uit de oogen straalde, en zijne van nature reeds schoone gestalte werd dan nog schooner. Een licht zweet beparelde zijn voorhoofd; en een vriendelijke zachtheid, die bereid was om op elke vraag in te gaan, bleek steeds gepaard aan een onwrikbare standvastigheid om te volharden bij het ter hand genomen onderwerp", aldus getuigt Porphyrius. De bekoring, die van zijn persoon uitging was dan zeker ook wel de voornaamste oorzaak, dat hij eene schare

Sluiten