Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gevonden. Ook heeft het wel veel van Gods majesteit, wijsheid en barmhartigheid ervaren; doch tot volkomen, bevrijdende Godskennis is Israël als volk niet gekomen. God, zoo althans gold het bij het begin onzer jaartelling, schonk alleen dan barmhartigheid en vrede, wanneer een verbijsterend ingewikkeld samenstel van wetten, geboden en inzettingen met de meest stipte nauwkeurigheid van dag tot dag en jaar tot jaar werd opgevolgd, betracht en nagekomen. Hij, die dit schier bovenmenschelijk kunststuk volbracht, mocht zich onder de „rechtvaardigen" rekenen, hoog verheven, als hij zich achtte, boven de schare, die de wet niet kende en met de wet niet rekende, boven de tollenaren en zondaren, die er maar op voorüeefden, alsof al die geboden en inzettingen voor hen niet golden.

Heel het godsdienstig leven van Israël was in de dagen van Jezus' optreden gedaald tot het niveau eener puur formalistische, uitwendige wetsbetrachting, waaraan de ziel des menschen geenerlei deel had. Men pochte op zijn afkomst van Abraham, den aartsvader; men verheerlijkte David als den grootsten koning en roemde den glans van Salomo's heerlijkheid. Men wond zich op tot de geestdriftige verwachting van een Messias, die Israël's grootheid en zelfstandigheid tot herstel zou brengen en een aardsch Godsrijk zou stichten, waarbij de macht der heidensche rijken en staten zou verbleeken. Men had gestadig de woorden der oude profeten in den mond, die van dat komende Godsrijk hadden getuigd; doch men vergat daarbij, dat men afstamde van een geslacht, dat diezelfde profeten vervolgd en gesteenigd had, wier graven men thans versierde en wier nagedachtenft men niet moede werd te huldigen en te vereeren.

De grondtoon van Israël's volksbewustzijn was van lieverlede hoe langer hoe meer geworden: volkomen zelfvoldaanheid, volstrekte zelfgenoegzaamheid. Wat het innerlijke betrof, waande men, dat alles in orde was. Alleen hoopte men nog op wat uit/ wendige glans en heerlijkheid, op een tijdperk van staatkundige machtsopenbaring, als rechtmatig loon op zoo langdurige, zoo

Tansen, Geschiedenis der Wijsbegeerte.

Sluiten