Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Wie zijn ziel zal zoeken te behouden, die zal haar verliezen; doch wie zijne ziel zal verliezen, die zal haar behouden?" Hoe meer deze mensch zich gaf, zich verloochende, zich offerde, zich vernederde, des te grooter werd hij, des te hooger steeg de beteekenis van zijne persoonlijkheid tot in het bovenmenschelijke. Wat zijn wij allen klein, bij hem vergeleken! Voorzeker, wij trekken ons het lot van armen, verdrukten en lijdenden aan; wij doen ons best om in onze omgeving het peil der moraliteit wat hooger op te voeren. Wij zijn lid van allerlei maatschappelijke vereenigingen, houden redevoeringen en toespraken, of schrijven verhandelingen en traktaatjes ter beteugeling van volkszonden. Wij geven ons geld om de armoede te lenigen, organiseeren weldadigheidsbazars of feestelijke avonden, om op een genoeglijke manier armenkassen te steunen; ons barmhartigheidsbetoon schijnt geen grenzen te kennen. Maar wij zijn uiterst bevreesd om in nauwer contact te komen met menschen, die geacht worden beneden onzen maatschappelijken kring te staan; met angstvallige nauwgezetheid maken wij uit, met wie wij kunnen en zullen omgaan en met wie niet. Wij zijn gaarne bereid, allerlei sociale en moreele ellende te helpen bestrijden met geld en goede woorden en dichterlijke vermaningen; want dit alles strekt om onzen goeden naam op te houden; maar één ding doen wij niet: wij willen met tollenaars en zondaren niet eten en drinken, alsof het onze gelijken zouden zijn; daarvoor achten wij ons zeiven te hoog en te goed. En toch is juist dit een sterk bewijs van onze moreele geringheid. Wij poseeren voortdurend als philantropen; wij coquetteeren met onze vermeende naastenliefde; doch het meeste van dit alles is schijn en geen waarheid; onder het masker eener beminnelijke onzelfzuchtigheid l zoeken wij ons zeiven. Wij willen doorgaan voor altruïsten, doch, op de keper bezien, zijn wij onverbeterlijke egoïsten.

Wanneer wij toelaten, dat de gestalte van Jezus, zooals die in de Evangeliën geteekend wordt, zich in onze ziel projecteert, onbevangen en onbevooroordeeld, gelijk op de geprepareerde glasplaat het photografische lichtbeeld wordt opgevangen, dan

Sluiten