Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Ik herinner me wel, dat we toen in Apollo waren, maar van Jeannette de Nice.... nee m'n waarde, zelfs geen flauwe herinnering."

„ Voyons, die groote, slanke vrouw met die fijne, nerveuse beenen, den gouden band in haar zwarte haar." „Nee, man, werkelijk

„Enfin, ze heeft blijkbaar geen indruk gemaakt op je. Nou op mij wel. Ik had het te pakken, en flink ook. Dien avond heb ik me koest gehouden voor je, maar den volgenden dag, terwijl jij veilig in den trein door Calabrië snorde, maakte ik kennis. Ze was geestig, verstandig, ging zoo maar niet met den eersten den besten. Met moeite kreeg ik gedaan, dat ze me dien nacht een rendez-vous in Regina gaf, je weet wel, dat zoogenaamde Maxim van Rome, je te demande un peu! Enfin, ik ging er heen, vond haar alleen soupeerend aan een tafeltje, twee kleine aapjes zittend aan weerszijden van haar bord. Rondom haar heen, stom, kwajongensachtig starend — zooals die Romeinen dat doen kunnen — een troep jongelui, genre rastaquouère, van dat type dat je in de beste kringen van Rome ontmoet. Ik groette, aangegaapt door de anderen. „Regardez-moi donc cette bande d'imbéciles," zei ze lachend, hardop. Dat vond ik leuk, en als een schooljongen zoo blij, ging ik naast haar zitten, maar stoof meteen weer op. Een kermend gepiep klonk er; ik was op een van haar aapjes gaan zitten."

„Haha!" schaterde ik. Maar hij bleef ernstig.

„Ja, dat vindt jij nou lollig, maar ik kon m'n lachen wel houden. Ze gaf eerst een gil, nam daarna het aapje op, dat zieltoogde en weldra den laatsten adem uitblies; ik stond er bij als schoppen-zeven, kan je begrijpen. Toen kwam ze los. „Bougre de saligaud, espèce d'imbécile", en zoo meer. „Ik zal een andere geven, ik zal je er net zooveel geven als je er hebben wilt," stamelde ik. „En waar zul je ze vandaan halen? Het is de grand

Sluiten