Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vermoord door een man met een witten baard. Zijn kleinzoon eveneens. Ga je ons geslacht na, dan kom je tot de ontdekking, dat de Montanara's nooit lang hun vijftigsten verjaardag hebben overleefd en in onze familiekroniek vindt je steeds de vermelding van den uomo colla barba bianca."

„Zijn ze dan allemaal vermoord?" vroeg iemand. „Neen. Maar ze zijn allemaal op een zonderlinge manier aan hun eind gekomen. De een krijgt op straat een beroerte en in de kroniek staat aangeteekend, dat hij op dat oogenblik net een man met een witten baard ontmoette. De ander valt uit een raam en de onvermijdelijke witte baard komt er op een of andere manier aan te pas. Praatjes, denk je — fantasie van de kroniekschrijvers, onbetrouwbaar geklets van bedienden en buurvrouwen. Het mag zijn. In het dorp, waar ons landgoed ligt, kent iedereen de geschiedenis en draagt niemand een witten baard. Geen grijsaard zou hem durven dragen, uit angst om den dood van een der Montanara's er mede te bezweren. Maar... mijn grootvaderwordt overreden door een postwagen, waarop een koetsier met een witten baard zit, en precies op z'n vijftigsten verjaardag. M'n vader is twee dagen na zijn vijftigsten verjaardag bij een stervenden vriend geroepen en onderweg van zijn paard gestort, vlak voor een huis, waar een man met een grijzen baard op den drempel een pijp stond te rooken.

Nu mag je praten wat je wilt van „toeval" of „bijgeloof' of wat ook meer, — nu mag je alles van die familiekroniek, die van vader op zoon steeds bijgehouden is, voor praatjes en fantasie uitmaken, — neem je de twee controleerbare gevallen van m'n grootvader en m'n vader, dan is het al zonderling genoeg. En dat mogen jullie nu dwaas vinden: ik ben nooit getrouwd om aan die grappenmakerij een einde te maken. Dat het geslacht der Montanara's uitsterft met mij, kan me koud laten. In onzen tijd heeft een „geslacht" met titels en overleveringen geen 36

Sluiten