Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

NACHTREDACTEUR

TOEN bij zijn fiets had weggezet — ieder nachtredacteur fietst, kent geen gemakken van trams en dergelijke, trapt eiken ochtend om half vijf door regen en modder en sneeuw en hagel en vinnigen kouden wind naar huis, — toen hij de kar had neergezet, vroeg hij den portier: „Veel telegrammen ingekomen?" „Nou, dat ging nog al."

Als ze hem vannacht maar met rust lieten, piekerde hij, de trap oploopend. Drie jaren oorlog had hij achter den rug, drie jaren telegrammen van Reuter, Wolff, Havas, Stefani, Korr. Bureau, Milli, Ritzau.ZweedschTelegraafagentschap, P. A.T. en wat dies meer zij. Drie jaren van staf berichten, redevoeringen, persstemmen, uittreksels van kamerzittingen, benoemingen van kabinetten, tegenspraken, polemieken, scheldpartijenen verdachtmakingen over en weer. Drie jaren nacht in nacht uit, zes nachten in de week, het gejacht van vertalen, vertalen van ellenlange telegrammen met verminkte namen van plaatsen, schepen en personen, — namen, die je in een aardrijkskundig woordenboek, in den almanach de Gotha, in het scheepsregister, in bijzonder zelf-aangelegde notitieboekjes en uitknipsels moest nazoeken. Drie jaren, waarin hij meer aardrijkskunde had geleerd dan ooit op school, drie jaren, waarin een oorlogspsychose langzaam zich van hem meester had gemaakt en hem kregel en zenuwachtig deed worden.

Als ze hem vannacht maar met rust lieten. Hij was óp van een week werk, voelde zich geregeld eiken Zaterdagavond lamgeslagen. Goddank, dat hij weldra vacantie kreeg. Enfin— het zou vanavond wel losloopen. De rijksdag was weer maanden op reces, — doodwerken deden ze zich er niet, — in Frankrijk was juist een nieuwe ministercrisis geweest, — in Engeland 40

Sluiten