Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zetel gedoken en rookte;.— een paar Amerikaansche jongelui soesden in hun stoelen achter den whiskey. Maar in de speelzaal daarnaast vond hij het heele kliekje van dien avond bijeen en als eenige vrouw aan de groene tafel zat daar zij —• een grooten kostbaren pluimhoed op, diep-gedecolleteerd, een parelsnoer om den vollen hals. En hij herkende haar thans, zonder twijfel meer, aan de kleine moedervlek op haar schouder. Ze had hem even aangekeken, onverschillig, ■— stond loom op en stak een slappe hand uit, toen haar amant haar voorstelde.

„Heb je het appuntamento gemist?" plaagde er een — „dan moet je meespelen, — ongelukkig in de liefde is gelukkig in het spel."

Hij kwam tegenover haar zitten, zette machinaal een paar gouden louis en nam zijn kaarten op.

„Baccarat," zei hij, verveeld, alsof het hem niet aanging.

„Zie je, daar begint hij al," merkte iemand schamper op. Hij liet het gewonnen geld staan, dekte de kaarten open en zei weer, even lusteloos als voorheen: „Baccarat."

Toen keek ze hem aan, glimlachte even en zei in stamelend Italiaansch:

„U moet wel héél ongelukkig in de liefde zijn." Hij haalde grof de schouders op.

Montestella hield de bank, zij coupeerde de kaarten. „Schei er mee uit, alsjeblieft, je brengt me ongeluk," kwam de bankhouder geprikkeld.

„Je kunt niet alles bij 'elkaar hebben, geld, geluk én liefde," wijsgeerde een jonge luitenant.

„Zonder het een krijg je het ander niet," zei Montestella norsch.

Nog een paar slagen en de bank sprong; de Olandese, de Hollander wiens naam ze niet konden uitspreken, zou haar 60

Sluiten