Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

denken ook scheppende kracht aanwezig is; als iemand dus door de phantasie tot nieuwe vindingen komt.

Het bewust worden van een voorstelling noemt men wel perceptie, terwijl met apperceptie wordt bedoeld het begrijpend opnemen. Bij een kind, een wilde en een sterrekundige is, als er een ongewoon luchtverschijnsel te zien is, de perceptie dezelfde, doch de apperceptie geheel verschillend.

Ook van deze bewustzijnsverschijnselen kan men geen definitie geven; ze worden gekenmerkt door behagen of onbehagen, en zijn steeds gebonden, evenals de oordeelen, aan een of meer voorstellingen.

Er zijn twee soorten van aandoeningen, de zintuiglijke en de gemoedsaandoeningen.

De eerste treden op bij gewaarwordingen: een aangenaam geluid, een leelijke kleur, een bittere smaak, een pijnlijke drukking, enz. De laatste, zooals liefde, haat, vreugde, smart, zijn verbonden aan meer ingewikkelde processen.

De zintuiglijke aandoening kan bij toeneming in sterkte overgaan van behagen in onbehagen: lekker zoet, erg zoet, te zoet, walgelijk zoet; behaaglijk warm, heel warm, te warm, onverdraaglijk warm.

Wat we voor personen gevoelen, kan overgedragen worden op voorwerpen, van hen afkomstig. De oude leunstoel, waarin Moeder altijd zat, is ons dierbaar; de jongeling is verrukt met een souvenir van zijn, meisje; de moeder is smartelijk bewogen bij 't zien van de kleertjes, die haar gestorven kind droeg.

Een langdurige en niet al te sterke aandoening noemt men stemming; een sterke aand. met kort verloop, waarbij het gezond verstand ontbreekt, "heet affect, zooals toorn, schrik, verrukking. Is de aand. sterk en van langer duur, terwijl er een krachtig willen mee gepaard gaat, dan spreekt men van hartstocht, zooals haat, drankzucht. Het verstand is daarbij gescherpt en de betrokken persoon weet zeer geslepen de middelen te vinden, om zijn begeerten te bevredigen.

Aandoeningen werken remmend op elkaar; bij een groot geluk kunnen we allerlei kleine onaangenaamheden gemakkefcjk verdragen; op de stoep van den tandarts verdwijnt de kiespijn, bij de gedachte aan de nog grootere pijn van het trekken. Bij wraakneming wordt eigen leed verzacht door 't lustgevoel, dat vergezeld gaat met het weten van 't leed van den vijand.

Bij voortduring van de oorzaak der aand. neemt deze af in sterkte; de smart bij een sterfgeval wordt langzamerhand draaglijk ; mooie schilderijen wekken al gauw geen lustaand. meer; de nieuwe mode verliest weldra haar bekoring,

Perceptie. Apperceptie.

afstomping.

Aandoeningen.

zintuiglijke gemoeds¬

gevoelsoverdracht.

stemming, affect.

hartstocht.

remming.

Sluiten