Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De grootste belooning voor 't kind moet zijn de blijdschap van den meester, als het zijn best deed. Een goedkeurend knikje, een kleine liefkoozing, een hartelijk woord doet al zooveel goed. Een waardeering van 't werk in woord of cijfer kan aansporen tot telkens beter zijn best doen.

Maar deze cijfers moeten niet hardop voorgelezen worden; ze zijn zoo teleurstellend voor de zwakken. En ook de rangnummers in de klas of het werken om prijzen of andere stoffelijke belooningen hebben het groote nadeel, dat de best aangelegden, wien het door hun aanleg het gemakkelijkst valt, met die belooningen gaan strijken, tot verdriet van de zwakken.,

Daarom is de beste opvoeder hij, die zonder cijfers en cadeautjes gedaan weet te krijgen, dat allen hun best doen.

Het werkt al zoo goed en animeerend, als men de heele klas prijst: Wat wordt er weer mooi geschreven vanmiddag! Wat zie ik veel kinderen rechtop zitten! Wat vind ik het prettig, dat de kinderen zoo goed bij de les zijn!

Het uitvoeren van bewerkingen mek een klassikaal middel kan een belooning zijn voor flink opletten en vlug netjes klaar zitten. „Ik moet een voor de klas hebben, die mooi zit." Dat maakt ons 't werk in school heel wat gemakkelijker en ieder kan voor de klas wel eens een beurt krijgen. Zoo ook met het ophalen van cahiers of leesboekjes. Er behoeft dan lang niet zooveel geprutteld en gestraft te worden.

Niet enkel door 't voorbeeld, ook door 't onderwijs kunnen allerlei deugden worden bevorderd: netheid, vlijt, volharding, medelijden, moed, waarheid, reinheid, gehoorzaamheid, correctheid.

Bij elk vak komt de noodzakelijkheid van deze eigenschappen wel meer of minder uit. De wetgever schrijft ons dan ook voor, dat we dóór ons onderwijs de kinderen moeten opvoeden tot alle christelijke en maatschappelijke deugden. Een strenge scheiding is tusschen deze twee niet te maken. Specifiek christelijke deugden zijn zeker wel naastenliefde en vergevingsgezindheid; een maatschappelijke deugd is de gehoorzaamheid aan de wet.

Alleen reeds het schoolgaan heeft op de kinderen een goeden invloed; velen van hen zijn thuis gewend den baas te spelen en ondervinden nu op school, dat ze zich moeten onderwerpen en schikken naar de meerderheid. In zoover is dat al een goede voorbereiding voor de latere maatschappij.

Uitstekend werkt het, den kinderen een zekere verantwoordelijkheid op te leggen. De hoogste klassen moeten op straat toezien, dat de jongeren zich daar fatsoenlijk gedragen. Ieder heeft zijn beurt van de bloemen verzorgen, den vloer van papiertjes te reinigen, de leermiddelen ronddeelen. Op elk boekje kan een

onderwijs.

christelijke maatschappelijke deugden.

schoolgaan.

verantwoordelijkheid.

belooningen.

cijfers, rangnummers.

heele klas prijzen.

Sluiten