Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een dergelijk doosniveau wordt gebruikt, om een vlak horizontaal of eene lijn (omwentelingsas, baak) verticaal te stellen. - Tot het horizontaal stellen van een vlak de onderkant deidoos, flg. 33, afgeslepen volgens een plat vlak, evenwijdig met het richtvlak. Plaatst men het doosniveau dus op een plat vlak en doet het inspelen, dan is het richtvlak en bijgevolg ook het eerste vlak horizontaal.

Hoe men op de eenvoudigste wijze de bel tot inspelen brengt, moge uit het in flg. 34 voorgestelde geval blijken. De bel, die eerst in D staat, wordt door de schroeven A of B of door beide samen in #gebracht, dat is in de loodlijn , uit het midden.der concentrische cirkels op AB neergelaten. Door nu aan de schroef C te draaien, kan men de bel onmiddellijk bij F tot inspelen brengen. Om dezelfde reden als bij het buisniveau.is vermeld, moet deze bewerking herhaald worden.

Om te onderzoeken of het richtvlak werkelijk evenwijdig loopt met den onderkant der doos. kan men een vlak met behulp £m een buisniveau horizontaal stellen en dan nagaan of het daarop geplaatste doosniveau inspeelt, of men kan ook het niveau met behulp van de stelschroeven van het vlak tot inspelen brengen en het dan 180° op het vlak omdraaien. Speelt het niet meer in, dan moet men den onderkant door afslijpen (correctieschroeven zijn zelden aanwezig) evenwijdig met het richtvlak brengen.

Tot het verticaal stellen van eene as is het doosniveau, flg. 35, zoodanig aan het bovenstel bevestigd, dat het richtvlak rechthoekig op de as staat. Stelt men dan het richtvlak horizontaal door de bel te doen inspelen, dan is de as verticaal.

Om aan het niveau den juisten stand ten opzichte van de as te geven, wordt het niveau door eene veer V tegen de punten van drie correctieschroefjes, waarvan er een in de figuur zichtbaar is, aangedrukt. Bij de regeling kan men dan als volgt te werk gaan. Als aan dezelfde, as ook een buisniveau verbonden is, kan men haar eerst hiermede verticaal stellen, en dan het doosniveau met behulp van de drie correctieschroefjes tot inspelen brengen. Is een dergelijk buisniveau niet aanwezig, dan brenge men het doosniveau tot inspelen en draaie nu het bovendeel van het instrument 180° om; blijft het nog inspelen, dan is het goed geregeld, wijkt de bel uit, dan moet die uitwijking voor de helft door middel van de drie correctieschroefjes worden weggenomen.

Sluiten