Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ben lichtstraal, die in de richting a,b,, flg. ,97, op de rechthoekszijde AG invalt, wordt gebroken volgens ft,c,, dan teruggekaatst volgens c,üt en treedt volgens d,d,' uit; een deel van het licht echter zal worden teruggekaatst volgens cZ,e,, dan volgens e,/i, bij ft heeft totale terugkaatsing plaats in de richting f,gt, bij gt _treedt het licht uit volgens gtgt'; een deel echter kaatst weer terug volgens ft,, dan volgens h(kk, bij k, heeft weer totale terugkaatsing plaats volgens k\lx, zoodat bü lt een lichtstraal na zevenmalige terugkaatsing uittreedt volgens- IQföfë

Een lichtstraal a2&2, flg. 98, evenwijdig aan a,&, op AC invallend, wordt gebroken volgens &2Cj, verder teruggekaatst volgens Cjeüjej/jflfjftjfe, en zal na breking in lt uittreden volgens Jjj»,; bij e, treedt licht uit volgens exet', bij gx volgens gtfi . terwijl bij c, en bij kt totale terugkaatsing plaats heeft.

Beide lichtstralen Z,m, en üsms treden, wanneer de hoeken van het prisma juist 90° en 45° zijn, na zevenmalige terugkaatsing evenwijdig aan elkaar uit, waarbij de hoeken van uittreding i' gelijk zijn aan de invalshoeken i.

De loop van de lichtstralen kan op de volgende wijze gemakkelijk worden geconstrueerd. Wanneer het prisma van stand I, flg. 97, om de zijde AC wordt omgeslagen in stand II, zal volgens de wetten van terugkaatsing hét punt ft, in h0 komen, zoodat Z,ft0 een rechte lijn is; het prisma uit stand II om de hypothenusa in stand III omgeslagen, geeft het punt </, in </„

enz.; de gebroken lijn ljiv c,6, wordt de rechte lijn Z,&0;

daarbij is Ah = Ah0, Agt =Agt enz. Uit fig. 97 is verder te J zien, dat de evenwijdige lichtstralen van een bundel, begrepen tusschen de lijnen ««' en (3J3' op de zelfde wijze worden teruggekaatst. In fig. 98 ziet men evenzoo, dat de evenwijdige lichtstralen begrepen tusschen (3(3' en yy' op een zelfde wijze worden teruggekaatst.

Vertoonen de hoeken A, B en .G van het prisma fouten, dan zullen de hqeken rt' en r,, rt' en r, xerschillen. -«Vallen evenwijdige lichtstralen op de-rechthoekszijde AC en beschouwen wij daarvan twee bundels, de eene begrepen tusschen aa.' en (3(3', de andere tusschen (3(3' en yy', dan zijn de brekingshoeken voor elk dier bundels: r, en rt gelijk; r/ en rt' echter zullen verschillen.

Zij lA = ib° + x, ,L B = i5c + y, G= 90° + z; dan is:

■x + y + z = 0 :• CD

In den achthoek 1$$ qr st C, fig. 97, is:

90° — + 90° + r, + 90° — 2as + 180° + 2s + 90° + Bas + + 270° + 3s + 90° + 2?/: + 180° + 2s = 6 X 180°

of

r,' — r, = ix + 2y + 7s . \ . . . . (2)

(Deze betrekking is in verband met (1) ook te vinden uit den zeshoek ltbt u v AB). In den zevenhoek l^^qrsG, tig. 98, is;

Sluiten