Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Stellen wij nu door R de som van de logarithmen van de sinussen van de rechts gelegen basishoeken, door L de som van de logarithmen van de sinussen van de links gelégen basishoeken en door 2 de som van de aangroeiingen voor één minuut van al die logarithmen-sinussen voor, dan wordt deze vergelijking:

R + x2 — L*=0,

of:

L — R

x=^y~. (2)

Deze waarde met CO vermenigvuldigende, krijgt men de aan te brengen correctie uitgedrukt in seconden-.

Voor de driehoeken om het punt D zal men nu eerst in de driehoeken 6, 7, 8 en 9 de som van de driehoeken tot 180° maken. Dan de zes hoeken om D samentellen, daarbij uit 2 en 3 de gecorrigeerde hoeken nemende en uit 6, 7, 8 en 9 de gemeten hoeken met de eerste correctie; hetgeen men hierbij meer of minder dan 360° vindt, wordt dan gelijkelijk over de vier hoeken D6, Z>7, D8 en D9 verdeeld. De basishoeken in diezelfde driehoeken 6, 7, 8 en 9 verkrijgen eene half zoo groote correctie met het omgekeerde teeken. Eindelijk toetst men de basishoeken aan vergelijking (1) blz. 156, waarbij men voor de driehoeken 2 en 3 weer de gecorrigeerde en voor 6, 7, 8 en 9 de gemeten hoeken met de twee tot nu toe bepaalde correcties moet nemen. Wordt aan die voorwaarde niet juist voldaan, dan wordt aan ieder van de basishoeken van 6, 7, 8 en 9 weer eene kleine correctie aangebracht, bepaald volgens bovenstaande form. (2), waarbij, dan onder s alleen moet verstaan worden de som van de aangroeiingen van de logarithmen der sinussen van de basishoeken in 6, 7, 8 en 9.

Op dezelfde wijze^gaat men nu te werk met de driehoeken om E, waarbij dan alleen aan de hoeken van 10, 11, 12 en 13 correcties worden aangebracht, enz.

Is er meer dan ééne basis gemeten, dan moet men thans nog de lengte van de basis, waarvan men bij de berekening uitgaat, zoodanig.vaststellen, dat de berekende lengten van de bases zooveel mogelijk strooken met de gemeten lengten, daarbij de hoeken evenwel onveranderd latende. Hiertoe berekent men (zie § 127), uitgaande van de gemeten lengte a van ééne basis, de overige bases, waarvoor men bijv. vinden zal b', c', enz., terwijl de gemeten lengten o, c, enz. zijn.

Was men nu bij de berekening niet uitgegaan van a, maar

Sluiten