Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van minder belangrijke details, waarvan de minder juiste ligging aan de nauwkeurigheid der schets in het algemeen weinig schaden kan.

Waar meer nauwkeurigheid wordt verlangd, en dus zeker bij de meting van de^zijden der veelhoeken, die in den regel het net van de opmeting zullen vormen, maakt men bijna altijd gebruik van het meten op den pas. De gewone paslengte van een persoon van middelbare lengte bedraagt ongeveer 0,80 M., doch wisselt af tusschen 0,70 en 0,90 M. (*) Ook bij denzelfden persoon is deze lengte echter niet geheel constant, doch afhankelijk van de gesteldheid van den bodem (hard, glibberig, mul of moeilijk begaanbaar), van de helling van het terrein', van de weersgesteldheid (voor of tegen wind, hitte, enz.) en ook van den physieken toestand van den mensch. Het is daarom' raadzaam, de grootte van den pas" zooveel mogelijk onder verschillende omstandigheden te bepalen. Dit geschiedt op de eenvoudigste wijze door eene lijn van bekende, doch niet al te kleine lengte, bijv. den afstand tusschen twee kilometerpalen , lanSs een WQS, af te passen' en die lengte door het aantal passen te deelen. tëif$*t

• Aangezien het tellen van het aantal passen vaak aanleiding geeft tot het maken van fouten, maakt men soms gebruik van een passenteller ^een instrumentje in den vorm van een horloge, dat automatisch het aantal passen aangeeft. Daartoe wordt het toestelletje zoodanig langs het been gehangen, dat het bi) eiken pas van het been een schok ontvangt, waardoor een tandrad door tusschenkomst van een veerend gewicht telkens één tand verspringt en een wijzer zich daarbij over ééne verdeeling van «ene wijzerplaat beweegt. Gewoonlijk treft men eene tweede wijzerplaat aan, waarop honderdtallen en een derde, waarop duizendtallen van passen/ worden aangegeven.

Sommige instrumenten geven in plaats van het aantal passen den afgelegden weg in kilometers aan en dragen dan den naam van pedometers. De pas moet daarbij natuurlijk eene bepaalde lengte hebben; bij sommige pedometers is eene inrichting aanwezig, waardoor de aanwijzingen op de wijzerplaat in overeenstemming kunnen gebracht worden met de bijzondere paslengte van den persoon, die den pedometer gebruikt.

Bij het gebruik van deze toestellen moet men er op bedacht

- , ° De ge;v5ne militaire pas bedraagt 0,75 M. en kan allengs door oefening vei" ï"*?, T Intusschen is deze Pas kunstmatig, hetgeen hieruit blijkt dat de soldaat meestal z«n natuurlijken pas herneemt, zoodra h« hierin wordt vrij-

Sluiten