Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het punt waarop gericht is met het kruispunt van de draden een cirkeltje zien beschrijven. Bij sommige waterpasinstrumenten heeft men voor de regeling correctieschroeven aan het objectief (verg. § 7). (*)

Het niveau kan bij deze instrumenten op verschillende whzen aangebracht zijn; hiervan hangen de methoden van onderzoek en regeling af. De voornaamste inrichtingen zullen wij in het kort vermelden. a. Het niveau rust met vorken op de tappen. De evenwijdigheid van richtlün en vizierlijn wordt hier verkregen, door beide afzonderlijk evenwijdig te brengen aan de as der tappen. Het onderzoek en de regeling van het niveau in dit opzicht geschieden op de in § 24 beschreven wijze; de regeling van de vizierlijn (het centreeren van den kijker) door op een punt te richten, den kijker 180° om zijne lengteas te draaien en de uitwijking, die zich vertoont, voor de helft weg te nemen met behulp van de vier correctieschroeven aan het diaphragma.

Na deze regeling wordt de richtlijn op de bekende wijze loodrecht pp de as geplaatst met behulp van de correctieschroef, waardoor een der vorken in verticalen zin bewogen wordt.

Van de gelijkheid der middellijnen van de tappen kan men zich op overeenkomstige wijze overtuigen als van de gelijke hoogte der blokken bij den niveaucirkel; ook het elimineeren der fouten in de regeling door het doen eener dubbele meting, geschiedt geheel op overeenkomstige wijze.

Omtrent de derde voorwaarde (§ 180) valt bij deze constructie nog het volgende op te merken. Veelal vindt men aan den kijker AA (vergelijk fig. 188, welke echter een instrument van de onder te vermelden constructie & voorstelt) twee nokjes NN' en aan de vorken twee schroefjes SS', die zoodanig moeten zijn aangebracht, dat in de standen, waarin de kijker gebruikt wordt, een der nokjes tegen een der schroefjes rust en alsdan de horizontale draad loodrecht staat op de as. Zoo men den kijker in de vier mogelijke standen wil gebruiken, zijn de beide schroefjes voor de regeling nog niet voldoende; het is dan het eenvoudigste, om ook een der nokken van een schroefje te voorzien; zij dit bijv. het geval met nok N. Men regelt

(*) Ook by andere instrumenten, waarbü de küker niet vast verbonden is aan de as, heeft de excentriciteit van het optisch centrum van het'objectief invloed (Beckbb en Bupdinoh, Lenoib, enz,).

Sluiten