Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

absolute hoogte, kunnen voldoende in rekening worden gebracht door voor den coëfficiënt; K eene eenigszins andere waarde te nemen, overeenkomende met den gemiddelden vochtigheidstoestand der lucht en de gemiddelde geographisehe breedte en absolute hoogte, waarop de waarnemingen plaats hebben.,

Om te laten zien, hoe die coëfficiënten bepaald worden, geven wij hier zonder bewijs de volledige barometerformule:

;«=18404(l-f0,002578co82/?(l +2^Ul + 0,377|j(14-«0%|r, &)

waarin B de gemiddelde'geographisehe breedte, H de gemiddelde hoogte boven de zee, B den straal der aarde, e de gemiddelde spanning van den waterdamp en b den gemiddelden barometerstand voorstelt.

Door nu voor 0, H, e en b gemiddelde waarden in te voeren, geldende voor de streek waar, en het jaargetijde waarin de waarnemingen gedaan worden, wordt de coëfficiënt K van de formulé van Laplace :

K= 18404 (1+0,002573 cos 2B)(l -f2— J^l + 0,377 yj. . . (3)

Stellen wij bijv. voor Nederland gemiddeld 0 = 52°10', H= 0, e = 10 millimeter, geldende,voor de zomermaanden, en ft = 760 millimeter, dan vinden wij: ^V*^

Vs-ft^f K= 18484.

§ 213. Hulpmiddelen ,voor de berekening van de hoogteverschillen. Bij de opneming van een groot aantal punten met behulp van de aneroïde, zal men de, berekening van de hoogteverschillen volgens de hiervoren behandelde formule door middel van vooraf berekende tabellen trachten te vereenvoudigen. Daartoe schrijven wij de formule van Laplace onder den volgenden vorm:

hJKlog^— Klog^.<l + «l),

of', als wij: K log ^° =H en Klog = H' stellen:

B0 -O o

• * = —ff-f-ai (H' — H) .U .< . . (4)

Sluiten