Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hoogte dier lijnen, en voor tusschengelegen punten door eene eenvoudige interpolatie. Tevens geeft de onderlinge afstand der lijnen een overzicht van de grootte der hellingen van het terrein in de verschillende punten.

De verticale afstand aan de hoogtelijnen te geven, hangt hoofdzakelijk af van de schaal van de kaart, maar ook eenigszins van den aard van het terrein. Is de schaal van de kaart grooter, dan kan men meer niveaulijnen in de kaart opnemen en den verticalen afstand daarvan dus kleiner nemen. Bij een vlak terrein, waarbij de hoogtelijnen in horizontale projectie, in vergelijking met een bergachtig terrein, verder uit elkaar liggen, kan men hetzelfde doen. De verticale afstand der niveaulijnen is dus zeer verschillend: in meters uitgedrukt, kan men daarvoor ongeveer nemen: het cijfer, dat de schaal van de kaart uitdrukt, gedeeld door een getal, gelegen tusschen 250 en 5000, natuurlijk zoodanig, dat het aantal meters een rond getal is.

§ 218. Algemeen overzicht. Het vervaardigen van eene kaart met hoogtelijnen kan op-twee verschillende wijzen plaats hebben: men kan de hoogtelijnen op het terrein zelf bepalen en dan in kaart brengen, of men kan van.eene menigte punten van het terrein de hoogten bepalen, deze in kaart brengen en dan daaruit op de kaart de hoogtelijnen afleiden.

De eerste methode is zeker de( nauwkeurigste; zij is echter zeer omslachtig, langwijlig en daardoor kostbaar. Zij wordt tegenwoordig dan ook weinig meer toegepast; alleen daar, waar het in betrekkelijk vlak terrein op eene eenigszins groote nauwkeurigheid aankomt, zooals bij irrigaties, enz., is zij met vrucht te gebruiken.

De tweede methode van meten gaat veel sneller en is dus minder kostbaar. De nauwkeurigheid van de opneming staat wel eenigszins bij de vorige achter; dit is echter meestal geen bezwaar, terwijl ze zoo noodig gemakkelijk kan vergroot worden, door het'aantal op te nemen punten te vermeerderen.

§ 219. Bepaling van de hoogtelijnen op het terrein. De

• De bepaling van de hoogtelijnen op het terrein geschiedt met behulp van het waterpasinstrument. Uitgaande van een vast punt, kruishout, peilmerkstreepje of dergelijk, waterpast men voort, tot men gekomen is ter hoogte van de op te zoeken niveaurijn. Natuurlijk moet men daartoe op het terrein zelf terstond de berekening verrichten. Is men eindelijk zoover gevorderd, dat de vizierlijn van den kijker 0,5 a 1,5 M. boven

Sluiten