Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Op meer geaccidenteerd terrein is de opneming met het gewone waterpasinstrument tijdroovend,, doordat men alleen met horizontale vizierlijn kan werken en dus daardoor uit eene zelfde 'standplaats slechts weinig punten kan bepalen. Gemakkelijker in dat geval is een waterpasinstrument, dat voorzien is van de in § 185 beschreven micrometerschroef en waarmede op de aldaar verklaarde wijze ook bij hellenden stand der vizierlijn hoogteverschillen kunnen'gemeten worden, of wel men gebruikt een theodoliet, die ingericht is tot het meten van afstanden (tachymeter), waarmede op de in § 94 beschreven wijze eveneens hoogteverschillen kunnen bepaald worden. Een dergelijk instrument wordt op een punt van het terrein geplaatst, vanwaar men eene menigte punten kan opnemen en hiervan worden dan op de beschreven wijze de hoogteverschillen met het instrument bepaald. Deze meting moet eveneens steunen op eene waterpassing, die langs de hoofdwegen het terrein als met een net overspant. Bij deze waterpassing zorgt men vaste punten te verkrijgen in.de nabijheid van die punten, waar later het instrumeht zal geplaatst worden; wordt dan van een dezer punten het hoogteverschil met het midden van het instrument bepaald, dan vindt men daaruit de hoogte van dit midden boven het algemeene vergelijkingsvlak en uit deze hoogte de hoogten van al de andere punten. Maakt men hierbij gebruik van den tachymeter en plaatst men het instrument boven een punt van het terrein., dat ook op de kaart 'voorkomt, dan kan men tevens eene cohtróle op de opmeting uitoefenen, door ook op den horizontalen rand af te lezen; want deze aflezing, gevoegd /by de vereischte aflezingen voor de hoogtebepaling, geeft tevens richting en lengte van de voerstralen, die volgens § 151 de verschillende punten bepalen. Ook de boven vermelde waterpasinstrumenten met micrometerschroef zijn tot dit doel dikwijls van een horizontalen cirkelrand voorzien.

Bij de opneming van eene geheele .-landstreek met behulp van de aneroïde zal men eerst weer door eene waterpassing zich de noodige vaste punten verschaffen, waaraan de andere door aneroïdemeting worden vastgelegd (zie § 215 en 216). Alleen bij eene voorloopige Opneming, die moet dienen om het terrein op te zoeken, dat door nauwkeurige opmeting voor een of ander onderwerp nader moet bestudeerd worden, zal men, zoo de waterpassing niet reeds bestaat, deze achterwege kunnen laten, omdat die opneming miestal eene minder groote nauwkeurigheid toelaat en niet al te veel tijd mag kosten.

Sluiten