Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

winterkoning-zang de vale rij der nevel-uren op prettige wijze hebben gebroken en op den kalender weer zoo'n stevig blok op het schild den mensch uitnoodigt dagelijks de uren te plukken, kan men zeggen, dat het voorjaar is begonnen: want vanaf de nieuwe maand van het nieuwe jaar zien we wel iederen dag een teekentje, dat wijst op het wordend wonder van telkenjaar.

En het zijn weer steeds de sneeuwklokjes, deze geliefde objecten voor dichters en schrijvers van natuur-historische causerieën, die met haar aandoenhjk-moedig perce-neige-gebaar de blijheid weer brengen in de tuinen en met haar pittiggroen grasscheut-voorkomen zooveel hoop wekken te midden van de vaalheid der hooi-dorre grassen. Is het sneeuwklokje een winterbloem of een lentebloem ? Hoe dit ook zij: zij leeft op den overgang van twee seizoenen en is dus op de kentering der tijden geboren; maar door den tijd van haar groei en bloei is zij in allen gevalle een welkome verschijning, een blank symbool van troostelijker dagen.

Niet zoo blank, maar toch zoo blij en zoo heerlijk-zonnig straalt het klein kruiskruid, dat in zoo geringe mate door de seizoenswisselingen zich laat beïnvloeden, dat het bloeit en juicht in welke maand ge maar wilt. Zelfs onder de sneeuw gaat het — welk een onverwoestbaar optimisme! — onverstoord met bloeien door en het heeft er maling aan, dat men het een hinderlijk onkruid noemt. Als het maar bloeien en kleuren en zich uitleven kan; in zijn Ansprüchen is het bizonder bescheiden en met het pooverst plekje stelt het zich al gauw tevreê.

En meent ge, dat alle vogels zich schuil houden

Sluiten