Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

REGENDAG.

De hemel hangt als een bol-gebogen gordijn, vaal en troosteloos .... Er is geen zeilende wolk, die blinkt als een blanke weelde in de fletse luchten .... Er waait geen bries zijn blijde windewijzen door aarde's nauwe ruimten.... De zon vluchtte voor de barbaarsche nevelen als een krijger voor een wild-ontzinde overmacht....

In den schemer staan aarzelend en vreugdeloos: de spitse sparren, de teed're berken, de goedhartige, sterke eiken....

Gespannen hangt het hemelgordijn, strak en zonder ééne dappere kleur.... De laatste glans aan de kimmen is als een zieke bloem uitgebloeid...

De boomen zwijgen, de heem'len zwijgen, de lage landen zwijgen....

Het hed der vogelen is stom; een enkele boer staat in de verte op den akker als een schimmig poppetje met een schimmige spa en een paar schimmige armen uit een speelgoeddoos ....

Gedempt dreunt wat geluid uit de smidse van 'n miniatuurdorpje.... Er bast een heesche hond tegen al die stilte....

De hemel wordt strakker en troosteloozer, valer en fletser; naar verre, verre werelden vluchtte de zon....

De berken, de teedren, de sparren, de spitsen.

Sluiten