Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die, van uitersten houdende, maand Maart bij wijlen nog de hagelsteenen dansen op de akkers en de hoevedaken luid maken door hun gerucht, de vogels zullen zich niet meer laten terugdringen en na enkele dagen zal de blijde invasie een feit worden. Zij zullen komen: de stranljippen (scholeksters) en tjirken (tureluren), en skriesen (grutto's) en hoantsen (kemphanen), al die veelkleurige zangers en fluiters, roepers en lokkers, die voedsel zoeken in de moerassen, kijven met hun bentgenooten en honderden spelnesten maken, als blijde bouwers, die voor zij hét nest maken, de eenvoudige kuiltjes modelleeren, uit louter lust tot den arbeid, omdat de weien zoo geuren, de winden zoo stoeiziek rennen door de dotters en de wolken hun geweldige schichtige schaduwen werpen in de maatlooze wijdheid.

Nóg enkele dagen en ge zult in de bladen vermeld vinden, als gold het een niet-officieelen feestdag, dat het eerste kievitsei is gevonden. Bij deze gelegenheid wordt niet gevlagd, noch beieren de klokken, maar niettemin luidt dit Evenement de echte, groote lente in. Wij zullen spoedig in onze lage landen de polsstokdragende eierzoekers zien verschijnen, op zoek naar buit: de fijn en fantastisch gevlekte, gevlamde eieren, die gij, als leek,, wanneer het lot u leidt naar de lage domeinen, op plompe wijze stuk trapt; waarlijk: het eierzoeken is een subtiele kunst, die gij u pas verwerft na jaren praktijk.

Sluiten