Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der weiden, die zich uitstrekken van verre schemerkim tot verre schemerkim, de leeuwerik en jodelt zijn afwisselende deuntjes boven de spiegelende kanalen en de zee der graslanden, boven de donkere molen-gevaarten en de omboomde hoeven met haar blinkende pannenbedekking van rood en staalblauw.

Alsof bij het maand na maand had gedaan, Zingt en schatert, fluit en vleit, roept en parelt het liedje van den glanzigen spreeuw, die è la spotvogel de geluiden imiteert van kievit en koekoek en zelfs van den „fieren haan".

Alsof hij het maand na maand had gedaan, buitelt de kievit als een dolle hans, kraait zijn kreten in de luwe luchten, scheldt en schimpt, lokt en acteert, en neemt op ongeëvenaard-handige wijze zijn toevlucht tot dezelfde, den eierzoeker misleidende, trucs.

Ja: net als 't vorig jaar stoeit de drukke scholekster met zijn blij-bonte kameraden, kijft en krakeelt, om dan plotseling — o, deze bon-viveur ! — zijn leven te beteren en den solieden filosoof uit te hangen, die rustig als een doorgronder van alle mogelijke levensgeheimen zit te wijsgeeren op den breeden top van een hekpaal of een verheven ... mesthoop.

En ook de ranke, elegante tureluur — aflicht de elegantste der weidevogels m is present en aan den oever van een sloot staat hij te nikken en te nijgen, terwijl zijn vermiljoen-roode pooten blinken in den voorjaarsdag.

Ook de twistzieke en onovertroffen krijgszuchtige kemphaan kan elegant zijn, maar vaker ontaardt zijn bekoorlijkheid in militair, kleurig en leeg ge-

Sluiten