Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

man, maar ik voelde er natuurlijk niet veel voor, 'n gesprek met hem te beginnen, want dat loopt dan altijd uit op geld te leen vragen, enzoovoort, nietwaar. Maar bij 'n schok van een der wielen over 'n steen, wordt de man tegen me aan gegooid, en hij zegt: Pardon, — met 'n stem, die... ja, die stem heb ik méér gehoord. Maar wanneer? maar waar?

Ik heb 'n bizonder gevoelig gehoor voor stemklanken, zeker omdat ik nogal muzikaal ben. En als ik eenmaal 't psychische accent van 'n stem goed ken, dan vergeet ik dat zelden. En zoo wist ik dan ook na 'n paar oogenbhkken, van wie die stem was: van een van m'n beste vrienden uit m'n garde d'honneur-tijd, maar die ik na Parijs uit 't oog had verloren, van Joost van Minnebeeck, Joost, graaf van Minnebeeck!

Ik was zóó verrast, dat ik me ondanks mezelf tot hem wendde, en zei:

— U doet me denken aan iemand, die ik heel goed gekend heb, als ik niet beter wist, zou ik zeggen, dat u 't was, aan Joost van . . .

— Die ben ik, zei hij, heel zacht, Joost van Minnebeeck.

— Wat! riep ik, en, enfin, toen moest nij aan 't vertellen, hij was heelemaal aan lager wal geraakt, en hij zag geen kans er ooit weer boven-op te komen. Er was voor hem geen andere uitkomst meer, dan 'n kogel. En toen, opeens, schoot 'n geniaal denkbeeld me door t hoofd. Ik dacht aan onze puissant-rijke nicht Woutera, de „gekke Woutera", zooals ze in de.

Sluiten