Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

groeten alle koeien, die daar in de weide staan, haar als hun meesteres ... Ze is een van de rijkste inwoners van Zuid-Holland. Maar, hoe eigenaardig ze ook mag zijn, gek is ze allesbehalve. Na de huwelijksplechtigheid op Aechtenskerke, riep ze Joost bjj zich op de kamer, en zei: Ziezoo, ik heb m'n levensdoel bereikt. Ik ben gravin. Maar nu scheiden zich ook onze wegen, jongen. Ik büjf de mijne gaan, jij gaat de jouwe. En toen wees ze op de zakken goud, die op de tafel stonden. Neem dat mee, zei ze, als 't op is, kan je terug-komen. En voorts bied ik jou en je vrienden elke jacht-tijd gastvrijheid aan op De Beilenburgh. Kom dan met je gezelschap, dan zullen we jachtpartijen en andere feestelijkheden organiseeren en hebben jullie 'n genoegüjke tijd.

— Hè! zei Claude, zoo'n vrouw te hebben!

— Ja! viel Allert hem bij, zoo'n vrouw!... Het moest verbeelden, dat beiden schertsten,

maar Cornelius hoorde zóó duidelijk in hun toon de egoïstische jaloerschheid, dat hij begreep, hoe Claude zoowel als Allert werkelgk beiden die oude rijke vrouw zouden hebben gehuwd, als zij er toe in staat waren geweest. En hjj keek naar Keetje, die, bleekjes en stilletjes, voor zich uit zat te kijken, met voorgewende onverschilligheid ... en naar Antje, van wie hij den snellen, fel-verontwaardigden, op Allert gerichten blik nog juist onderschepte. En toch, meisje-lief, dacht hg met zijn door velerlei omgang met vrouwen verworven wereldkennis, toch heb je straks 'n beetje te ernstig notitie genomen van het feit,

Sluiten