Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Die schrik vergeet ik niet gauw, zei Johanna.

— Ja, lachte Cornelius, Moeder was nog meer ontsteld dan ik... ze huilde, alsof ik 'n klein kind was, dat haar werd ontroofd... Ik was al achttien jaar!

— Ik heb ook moeite genoeg gedaan, om er af te komen, zei Claude. Ik was toen juist gepromoveerd als advocaat, en had de practijk van de oude Relevaer gekocht, dus kan je begrijpen, wat 'n toestand 't voor me was.

— De heele instelling van die garde d'honneur was 'n daad van despotisme, zei Hero Hesseling. En door 't veelvuldig gebruiken van de woorden, honneur, décoration, avancement werden de jongelieden kunstmatig opgewonden, en gingen sommigen zelfs geestdriftig hun onbekend lot tegemoet.

— Ik weet 't nog heel goed, zei Claude, op de eerste Mei moesten we ons melden in Amsterdam bij de prefect de Celles, 'n Heele drom was samen-gekomen, allemaal zenuwachtig, maar ik was kalm, want ik meende vast en zeker vrijgelaten te moeten worden. Toen ik eindelijk voor de Celles stond, en mijn naam, enzoovoort, door de secretaris was op-geschreven, vroeg ik het woord:

— Monsieur le comte, ik ben in de conscriptie gevallen en heb toen een remplacant genomen; die zijn tijd geheel heeft uitgediend... Daar ik onmogeljjk tweemaal in de krijgsdienst...

— Tweemaal? viel hjj mjj in de rede. Die is goed! Als u 'n remplacant heeft gehad, hebt u

Sluiten