Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

goed bij Antje te verdringen... Zijn vertrek naar Aechtenskerke was bijna een vlucht geweest; want, hoewel hij niet moreel genoeg was aangelegd, om de meisjes te willen sparen, hij was bang, dat hij zich in zijn tegenwoordige stemming te ver zou laten voeren, zoodat een verbintenis met een harer onvermijdelijk was. En dat wilde hij niet. Hij wilde zijn besluit, om eerlang met Annemarie te trouwen, handhaven, het kostte wat het wilde. Hij hield van dat kind met een teederheid en een sentiment, als hn nog nooit, voor wie ook, had ondervonden. Hij kon haar niet vergeten. Als hij het hof maakte aan Jetje Robbrechts, dacht hij niet aan Antje of Camietje; courtiseerde hij Antje, dan was Jetje geen oogenblik tegenwoordig in zijn geest, en stoeide hij met Camietje, dan waren de andere twee uit zijn ziel verdwenen. Maar zoo was het niet met Annemarie. Haar beeld droeg hij overal met zich mee, onder alles door dacht hij aan haar, en hij begreep, dat de liefde, die hij voor haar gevoelde, de ernstigste was van zijn leven.

's Ochtends had Cornelius alleen een jacht-rit gemaakt door zijn bosschen, achter de joelende honden. Hij vond er een overweldigend genoegen m, los te stormen in de herfstige pracht van den morgen, omringd door het oorverdoovend geblaf der brakken, terwijl het rhythme van den korten galop weerklonk in den klop van zijn bloed. Gisteren had hij een groote drijfjacht laten houden, die tot laat in den middag had

Sluiten